Inklingo

contagiar

kon-ta-HYAHR/kontaˈxjaɾ/

contagiar betekent besmetten in het Spaans. Het heeft 2 verschillende betekenissen, afhankelijk van de context:

besmetten

Ook: overdragen
WerkwoordA2regular ar
Een kind dat niest in een zakdoek terwijl een ander kind in de buurt staat, wat de verspreiding van een verkoudheid voorstelt.
gerundcontagiando
past Participlecontagiado
infinitivecontagiar

📝 In Actie

No quiero contagiarte mi resfriado.

A2

Ik wil je niet besmetten met mijn verkoudheid.

Lávate las manos para no contagiar a los demás.

A2

Was je handen om het niet op anderen over te dragen.

Él contagió la gripe a toda su familia.

B1

Hij droeg de griep over op zijn hele familie.

Woordverbindingen

Synoniemen

Antoniemen

  • desinfectar (desinfecteren)
  • sanar (genezen)

Veelvoorkomende Collocaties

  • contagiar una enfermedadeen ziekte verspreiden
  • riesgo de contagiarrisico op besmetting

aanstekelijk zijn, verspreiden

Ook: afstralen op
WerkwoordB2regular ar
Een groep mensen die samen lachen, wat laat zien hoe een lach aanstekelijk kan zijn.
gerundcontagiando
past Participlecontagiado
infinitivecontagiar

📝 In Actie

Tu alegría nos contagia a todos.

B2

Jouw vreugde is aanstekelijk voor ons allemaal.

El bostezo se contagia fácilmente.

B2

Gapen is gemakkelijk aanstekelijk (is contagioso).

Espero que se me contagie tu buena suerte.

C1

Ik hoop dat je goede geluk op mij afstraalt.

Woordverbindingen

Synoniemen

  • pegar (plakken/doorgeven (informeel))

Veelvoorkomende Collocaties

  • contagiar entusiasmoenthousiasme verspreiden
  • contagiar la risalachen laten verspreiden

Idiomen & Uitdrukkingen

  • contagiar las ganasiemand anders zin geven om iets te doen

🔄 Vervoegingen

subjunctive

imperfect

ellos/ellas/ustedescontagiaran
yocontagiara
contagiaras
vosotroscontagiarais
nosotroscontagiáramos
él/ella/ustedcontagiara

present

ellos/ellas/ustedescontagien
yocontagie
contagies
vosotroscontagiéis
nosotroscontagiemos
él/ella/ustedcontagie

indicative

preterite

ellos/ellas/ustedescontagiaron
yocontagié
contagiaste
vosotroscontagiasteis
nosotroscontagiamos
él/ella/ustedcontagió

imperfect

ellos/ellas/ustedescontagiaban
yocontagiaba
contagiabas
vosotroscontagiabais
nosotroscontagiábamos
él/ella/ustedcontagiaba

present

ellos/ellas/ustedescontagian
yocontagio
contagias
vosotroscontagiáis
nosotroscontagiamos
él/ella/ustedcontagia

Vertaal naar het Spaans

Woorden die vertaald worden als "contagiar" in het Spaans:

aanstekelijk zijnafstralen opbesmettenoverdragenverspreiden

✏️ Snelle oefening

Snelle Quiz: contagiar

Vraag 1 van 3

Welke zin beschrijft een verspreidende stemming?

📚 Meer bronnen

👥 Woordfamilie
contagio(infectie / besmetting)Zelfstandig naamwoord
contagioso(besmettelijk)Bijvoeglijk naamwoord
contagiado(besmet persoon)Zelfstandig naamwoord
🎵 Rijmwoorden
📚 Etymologie

Van het Latijnse woord 'contagiare', dat komt van 'con-' (samen) en 'tangere' (aanraken). Het betekent letterlijk iets door aanraking doorgeven.

Eerste vermelding: 13th century

Cognaten (Verwante woorden)

English: contagionFrench: contagionner

💡 Beheers Spaans

Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!

Veelgestelde Vragen

Gaat 'contagiar' altijd over ziekte?

Nee! Het wordt heel vaak gebruikt voor emoties zoals lachen, gapen of enthousiasme. Dit is vergelijkbaar met het Nederlandse 'aanstekelijk lachen'.

Wat is het verschil tussen 'infectar' en 'contagiar'?

'Infectar' is technischer en verwijst meestal naar een wond die bacteriën oploopt. 'Contagiar' gaat over het doorgeven van een ziekte van de ene persoon op de andere. In het Nederlands gebruiken we 'infecteren' meer voor wonden en 'besmetten' voor ziekteoverdracht tussen personen.

Heeft het onregelmatige vormen?

Nee, het is een volkomen regelmatig -ar werkwoord in al zijn vormen!