Inklingo

espera

es-PEH-rahesˈpeɾa

espera betekent het wachten in het Spaans. Het heeft 3 verschillende betekenissen, afhankelijk van de context:

het wachtenOok: de wachttijd, de hoop, de verwachting

Een persoon die op een bankje op een leeg treinstation zit, wat 'la espera' (het wachten) illustreert.

📝 In Actie

La espera en el consultorio del doctor fue de una hora.

A2

Het wachten bij de dokterspraktijk duurde een uur.

Odio la espera, soy muy impaciente.

B1

Ik haat wachten, ik ben erg ongeduldig.

Estamos en espera de los resultados.

B1

Wij wachten op de resultaten.

Woordverbindingen

Synoniemen

Veelvoorkomende Collocaties

  • sala de esperawachtkamer
  • lista de esperawachtlijst
  • larga esperalang wachten

Idiomen & Uitdrukkingen

  • estar en espera dewachten op; in afwachting zijn van

hij/zij wacht, u wachtOok: hij/zij hoopt, hij/zij verwacht

WerkwoordA1regular ar
Een vrouw die hoopvol uit een raam kijkt, wat 'espera' illustreert als in 'zij wacht' of 'zij hoopt'.
infinitiveesperar
gerundesperando
past Participleesperado

📝 In Actie

Mi hermano espera el tren en la estación.

A1

Mijn broer wacht op de trein op het station.

Ella espera que todo salga bien.

A2

Zij hoopt dat alles goed komt.

¿Usted espera a alguien?

A2

Wacht u (formeel) op iemand?

Woordverbindingen

Synoniemen

Antoniemen

  • desespera (hij/zij raakt in wanhoop)

wacht!Ook: hoor even!

A1regular arinformal
Een vriendelijk persoon die een hand opsteekt in een zacht 'stop' of 'wacht' gebaar, wat het bevel '¡Espera!' illustreert.
infinitiveesperar
gerundesperando
past Participleesperado

📝 In Actie

¡Espera! Se te cayeron las llaves.

A1

Wacht! Je liet je sleutels vallen.

Espera un segundo, ya casi termino.

A1

Wacht een seconde, ik ben bijna klaar.

Espera, no tan rápido.

A2

Ho, rustig aan.

Woordverbindingen

Synoniemen

Antoniemen

Indicative

Present

yoespero
esperas
él/ella/ustedespera
nosotrosesperamos
vosotrosesperáis
ellos/ellas/ustedesesperan

Imperfect

yoesperaba
esperabas
él/ella/ustedesperaba
nosotrosesperábamos
vosotrosesperabais
ellos/ellas/ustedesesperaban

Preterite

yoesperé
esperaste
él/ella/ustedesperó
nosotrosesperamos
vosotrosesperasteis
ellos/ellas/ustedesesperaron

Subjunctive

Present Subjunctive

yoespere
esperes
él/ella/ustedespere
nosotrosesperemos
vosotrosesperéis
ellos/ellas/ustedesesperen

Imperfect Subjunctive

yoesperara
esperaras
él/ella/ustedesperara
nosotrosesperáramos
vosotrosesperarais
ellos/ellas/ustedesesperaran

Vertaal naar het Spaans

Woorden die vertaald worden als "espera" in het Spaans:

✏️ Snelle oefening

Snelle Quiz: espera

Vraag 1 van 1

Welke zin gebruikt 'espera' als zelfstandig naamwoord met de betekenis 'het wachten'?

📚 Meer bronnen

👥 Woordfamilie
🎵 Rijmwoorden
📚 Etymologie

Komt van het Latijnse werkwoord 'spērāre', wat 'hopen' of 'verwachten' betekende. In de loop van de tijd omvatte het idee van 'verwachten' ook de handeling van 'wachten' erop.

Eerste vermelding: Around the 12th century.

Cognaten (Verwante woorden)

Portuguese: esperarItalian: sperareFrench: espérer

💡 Beheers Spaans

Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!

Veelgestelde Vragen

Hoe weet ik of 'esperar' 'wachten' of 'hopen' betekent?

Het hangt af van wat er in de zin volgt! Als je *op* een persoon of ding wacht, betekent het 'wachten' (bv. 'Espero el autobús' - Ik wacht op de bus). Als je praat over iets wat je graag zou willen dat gebeurt, vaak gevolgd door 'que', betekent het 'hopen' (bv. 'Espero que estés bien' - Ik hoop dat het goed met je gaat).

Wat is het verschil tussen de bevelen 'espera' en 'espere'?

Het gaat om beleefdheid en tegen wie je praat. Gebruik '¡Espera!' tegen een vriend, kind of familielid (de informele 'tú'). Gebruik '¡Espere!' tegen een vreemde, een oudere persoon of in een professionele setting (de formele 'usted').