imaginar
“imaginar” betekent “zich voorstellen” in het Spaans. Het heeft 2 verschillende betekenissen, afhankelijk van de context:
zich voorstellen, voorstellen
Ook: bedenken
📝 In Actie
No puedo imaginar un mundo sin música.
A2Ik kan me geen wereld zonder muziek voorstellen.
Ella imagina que su mascota puede hablar.
B1Zij stelt zich voor dat haar huisdier kan praten.
¿Qué imaginas que haremos mañana?
A2Wat stel je je voor dat we morgen gaan doen?
veronderstellen, doorgronden
Ook: aannemen
📝 In Actie
Me imagino que ya comiste, ¿verdad?
B2Ik veronderstel dat je al gegeten hebt, hè?
¿Te imaginas el precio de esa casa?
C1Kun je je de prijs van dat huis voorstellen?
Se imaginaron que la reunión sería más corta.
B2Zij namen aan dat de vergadering korter zou zijn.
🔄 Vervoegingen
indicative
present
imperfect
preterite
subjunctive
present
imperfect
Vertaal naar het Spaans
Woorden die vertaald worden als "imaginar" in het Spaans:
aannemen→bedenken→doorgronden→veronderstellen→voorstellen→zich voorstellen→✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: imaginar
Vraag 1 van 1
Welke zin gebruikt 'imaginar' om 'veronderstellen of raden' te betekenen (imaginarse)?
📚 Meer bronnen
👥 Woordfamilie▼
📚 Etymologie▼
Komt van het Latijnse werkwoord *imaginari*, wat 'een beeld vormen' of 'zichzelf iets voorstellen' betekent. Het deelt wortels met het Nederlandse woord 'imago' of 'imaginair'.
Eerste vermelding: Medieval Latin period
Cognaten (Verwante woorden)
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
Veelgestelde Vragen
Wat is het verschil tussen 'imaginar' en 'pensar'?
'Imaginar' gaat specifiek over het vormen van een mentaal beeld, concept of hypothese. 'Pensar' is breder en betekent 'denken' in het algemeen, een mening hebben of iets overwegen.
Vereist 'imaginar' ooit de speciale werkwoordsvorm (subjunctief)?
Over het algemeen niet. Wanneer je zegt 'Ik stel me voor dat...' ('Imagino que...'), verklaar je een zekerheid of overtuiging, dus gebruik je meestal de standaard werkwoordsvorm (indicatief) daarna. Bijvoorbeeld: 'Imagino que *es* difícil' (Ik stel me voor dat het moeilijk *is*).

