Hoe zeg je "ging voorbij" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “ging voorbij” is “pasó” — gebruik 'pasó' als de tijd zelf snel is verstreken, bijvoorbeeld tijdens een prettige activiteit of vakantie..
Voorbeelden
El tiempo pasó muy rápido durante las vacaciones.
De tijd ging heel snel voorbij tijdens de vakantie.
pasaba
pah-SAH-bah/paˈsaβa/

Voorbeelden
Yo pasaba por esa calle todos los días.
Ik passeerde die straat elke dag.
¿Qué hora era? Él pasaba justo ahora.
Hoe laat was het? Hij was net voorbij aan het komen.
La pelota pasaba cerca del poste, pero no entró.
De bal passeerde dicht langs de paal, maar ging er niet in.
Wie is 'Pasaba'?
Deze vorm kan 'ik was aan het passeren' (yo), 'hij/zij was aan het passeren' (él/ella), of 'u was aan het passeren' (usted, de formele manier) betekenen.
De functie van de Imperfecto
We gebruiken 'pasaba' om te praten over acties die aan de gang waren, herhaalde gewoonten, of algemene beschrijvingen in het verleden, zonder een specifiek eindpunt. Dit is vergelijkbaar met de Nederlandse onvoltooid verleden tijd (ik liep, ik was aan het lopen).
pasaron
pah-SAH-rohn/paˈsaɾon/

Voorbeelden
Pasaron tres horas esperando el tren.
Ze brachten drie uur door met wachten op de trein.
Pasaron el verano aprendiendo a cocinar.
Ze brachten de zomer door met koken leren.
Tijd Meten
Wanneer je spreekt over de bestede tijd, wordt 'pasar' vaak direct gevolgd door de tijdsduur, bv. 'Pasaron dos días' (Twee dagen gingen voorbij). Dit is vergelijkbaar met 'Er gingen twee dagen voorbij' in het Nederlands.
Tijd die verstrijkt vs. ergens langsgaan
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.

