Hoe zeg je "komen" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “komen” is “venir” — gebruik 'venir' als de beweging richting de spreker is, of naar een punt dat voor zowel spreker als toehoorder belangrijk is..
venir
/beh-NEER//beˈniɾ/

Voorbeelden
¿Vienes a la fiesta esta noche?
Kom je vanavond naar het feestje?
Mis padres vienen de visita el fin de semana.
Mijn ouders komen dit weekend op bezoek.
¡Ven aquí ahora mismo!
Kom hier nu meteen!
De Gouden Regel: Venir versus Ir
'Venir' betekent beweging richting de spreker ('Kom hierheen!'), terwijl 'ir' beweging weg van de spreker betekent ('Ga daarheen!'). Als iemand naar jou toe of naar waar jij bent komt, gebruik je 'venir'.
Verwarring tussen 'Venir' en 'Llegar'
Fout: “Het gebruik van 'venir' wanneer je bedoelt ergens aan te komen waar je momenteel niet bent.”
Correctie: 'Venir' gaat over de reis ernaartoe. 'Llegar' gaat over het moment van aankomst. 'El tren llega a las cinco' (De trein komt om vijf uur aan).
De onregelmatige 'yo'-vorm vergeten
Fout: “Yo vieno a la fiesta.”
Correctie: Gebruik 'Yo vengo'. De 'yo'-vorm in de tegenwoordige tijd is speciaal en krijgt een 'g', net als bij 'tengo' (van tener) of 'pongo' (van poner).
llegar
/yeh-GAR//ʝeˈɣaɾ/

Voorbeelden
El tren llega a las cinco.
De trein komt om vijf uur aan.
Normalmente llego a casa a las seis de la tarde.
Ik kom normaal gesproken om zes uur 's avonds thuis.
Mis padres llegaron ayer de sus vacaciones.
Mijn ouders kwamen gisteren aan van hun vakantie.
De 'gué' Spellingverandering
Om de harde 'g'-klank (zoals in 'gaan') te behouden, verandert de 'yo'-vorm in de onvoltooid verleden tijd (preteritum) van 'g' naar 'gu'. Dus, 'llegar' wordt 'llegué' (ik kwam aan). Hetzelfde gebeurt in de tegenwoordige tijd van de aanvoegende wijs ('llegue').
Gebruik 'a' voor bestemmingen
Wanneer je zegt dat je op een plaats aankomt, gebruik je het voorzetsel 'a'. Bijvoorbeeld: 'Llego a la estación' (Ik kom aan op het station).
'llegar' versus 'venir'
Fout: “Het gebruik van 'llegar' als je beweging naar de spreker bedoelt.”
Correctie: 'Llegar' richt zich op de bestemming ('Llego a tu casa a las 8' - Ik kom om 8 uur bij jou thuis aan). 'Venir' betekent 'komen' naar de persoon die spreekt ('¿Vienes a mi casa a las 8?' - Kom jij om 8 uur naar mijn huis?).
Voorbeelden
Espero que los pasajeros bajen del autobús rápidamente.
Ik hoop dat de passagiers snel uit de bus stappen.
Verwarring tussen 'venir' en 'llegar'
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.

