Hoe zeg je "genoeg zijn" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “genoeg zijn” is “bastar” — gebruik 'bastar' wanneer je wilt aangeven dat iets voldoende is, zonder dat er meer nodig is. Het benadrukt de adequaatheid van een hoeveelheid.
Gebruik 'bastar' wanneer je wilt aangeven dat iets voldoende is, zonder dat er meer nodig is. Het benadrukt de adequaatheid van een hoeveelheid.
Meer leren →Gebruik 'alcanzar' in de betekenis van 'genoeg zijn' wanneer het gaat om het bereiken van een doel of het dekken van een behoefte, vaak met een negatieve implicatie dat het niet lukt.
Meer leren →Gebruik 'servir' als je wilt vragen of een bepaalde hoeveelheid voldoende is voor iemand, of om aan te geven dat iets bruikbaar of voldoende is.
Meer leren →Hoewel 'llegar' meestal 'aankomen' betekent, kan het in bepaalde uitdrukkingen ook 'reiken tot' of 'voldoende zijn qua lengte' aanduiden, maar dit is niet de primaire betekenis voor 'genoeg zijn'.
Meer leren →bahs-TAHRbasˈtaɾ

Voorbeelden
Dos raciones de pizza bastan para los niños.
Twee plakjes pizza zijn genoeg voor de kinderen.
Me basta con tu palabra.
Jouw woord is genoeg voor mij.
No basta con querer el cambio; hay que actuar.
Het is niet genoeg om te willen veranderen; je moet handelen.
Gebruik van 'con' voor vereisten
Als je wilt zeggen dat 'alleen X doen al genoeg is', gebruik dan de uitdrukking 'basta con' gevolgd door een werkwoord of een zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: 'Basta con leerlo' (Alleen het lezen ervan is genoeg).
De 'Me Basta' structuur
Spaanstaligen gebruiken vaak een klein woordje voor het werkwoord (me, te, le) om aan te geven WIE iets als genoeg ervaart. Het werkt vergelijkbaar met het Nederlandse werkwoord 'bevallen' of 'aangaan'.
Verwarring met 'Soy suficiente'
Fout: “Het gebruiken van 'Yo soy basto' om 'Ik ben genoeg' te zeggen.”
Correctie: Zeg 'Soy suficiente' of 'Basto yo'. 'Basto' als bijvoeglijk naamwoord betekent eigenlijk grof of onbeschoft!
al-kan-SARal.kanˈθaɾ

Voorbeelden
Con este dinero no me alcanza para el alquiler.
Dit geld is niet genoeg voor de huur.
Si ahorras, quizás te alcance para el viaje.
Als je spaart, heb je misschien genoeg voor de reis.
Los suministros no alcanzan para todos los refugiados.
De voorraden zijn niet voldoende voor alle vluchtelingen.
Gebruikt als 'Gustar'
Wanneer het 'genoeg zijn' betekent, werkt alcanzar vaak als gustar (leuk vinden). Het ding dat wel of niet genoeg is, is het onderwerp, en de persoon die het nodig heeft is het meewerkend voorwerp (me, te, le, nos, les).
ser-VEERseɾˈβiɾ

Voorbeelden
¿Dos tazas de café te sirven, o quieres más?
Zijn twee kopjes koffie genoeg voor je, of wil je meer?
No te preocupes por el dinero, esto sirve.
Maak je geen zorgen over het geld, dit is genoeg (of: dit volstaat).
Con media hora de estudio me sirve para el examen.
Een half uur studeren is voor mij genoeg voor het examen.
Structuur voor Voldoende
Wanneer 'servir' 'genoeg zijn' betekent, is het ding dat genoeg is het grammaticale onderwerp (bijv. 'esto sirve'). Als je vermeldt voor wie het genoeg is, gebruik dan een indirect objectpronomen (me sirve, te sirve, nos sirve).
yeh-GARʝeˈɣaɾ

Voorbeelden
La falda me llega hasta las rodillas.
De rok reikt tot mijn knieën.
Con este dinero, no nos llega para las entradas.
Met dit geld is het niet genoeg voor de kaartjes.
Espero que la comida llegue para todos los invitados.
Ik hoop dat het eten genoeg is voor alle gasten.
Verwarring tussen 'bastar' en 'alcanzar'
Veel leerders verwarren 'bastar' en 'alcanzar'. 'Bastar' zegt dat iets op zichzelf voldoende is (bv. 'dos pizzas bastan'), terwijl 'alcanzar' vaak gebruikt wordt als iets níét genoeg is om een doel te bereiken (bv. 'el dinero no alcanza para...').
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.



