Hoe zeg je "marcheren" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “marcheren” is “marchar” — A2 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.
Dutch → SpaansA2
verbA2
in een georganiseerde groep lopen

Voorbeelden
Los soldados marcharon durante horas bajo la lluvia.
De soldaten marcheerden urenlang in de regen.
La manifestación marchó por el centro de la ciudad.
De demonstratie liep (marcheerde) door het stadscentrum.
Regelmatige -AR Werkwoord
Marchar volgt het standaardpatroon voor alle werkwoorden die eindigen op -ar. Als je het patroon voor één kent, ken je ze allemaal!
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.