Hoe zeg je "rusten" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “rusten” is “descansar” — gebruik 'descansar' wanneer je bedoelt dat iemand een pauze neemt om uit te rusten van fysieke of mentale inspanning..
descansar
/dess-kahn-SAHR//des.kanˈsaɾ/

Voorbeelden
Necesito descansar después de este largo viaje.
Ik moet rusten na deze lange reis.
¿Por qué no descansas la vista un rato?
Waarom rust je je ogen niet even uit?
Descansamos el sábado y el domingo.
Wij rusten (zijn vrij) op zaterdag en zondag.
Een Regelmatige AR-Werkwoord
Dit werkwoord volgt het eenvoudigste vervoegingspatroon (AR-uitgang), dus als je één 'AR'-werkwoord kent, ken je 'descansar'!
Verwarring tussen 'descansar' en 'relajarse'
Fout: “Me voy a descansar en la playa. (Ik ga rusten op het strand.)”
Correctie: Hoewel het kan, is 'Me voy a relajar en la playa' (Ik ga ontspannen op het strand) vaak natuurlijker voor vrijetijdsactiviteiten.
apoyar
/ah-POY-ah//aˈpoʝa/

Voorbeelden
Él apoya la escalera en la pared.
Hij leunt de ladder tegen de muur.
Apoya tu cabeza en mi hombro.
Rust je hoofd op mijn schouder.
Fysiek Leunen
Wanneer je dit woord gebruikt voor leunen, gebruik je vaak het woord 'en' (op/in) of 'contra' (tegen) om aan te geven waar het object geplaatst wordt. Dit komt overeen met het Nederlandse gebruik van 'tegen' of 'op'.
Descansar vs. Apoyar
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.

