Inklingo

gastar

gahs-TAHRɡasˈtaɾ

gastar betekent uitgeven in het Spaans. Het heeft 3 verschillende betekenissen, afhankelijk van de context:

uitgeven

Ook: betalen
WerkwoordA1regular ar
Een cartoonhand die verschillende glimmende gouden munten in een kleine, geopende portemonnee legt, wat de handeling van geld uitgeven illustreert.
infinitivegastar (base form)
gerundgastando (-ing form)
past Participlegastado (used with 'haber')

📝 In Actie

¿Cuánto gastaste en el supermercado?

A1

Hoeveel heb je uitgegeven in de supermarkt?

No me gusta gastar mucho dinero en ropa.

A2

Ik houd er niet van om veel geld aan kleding uit te geven.

Woordverbindingen

Synoniemen

  • desembolsar (neertellen)

Antoniemen

Veelvoorkomende Collocaties

  • gastar una fortunaeen fortuin uitgeven
  • gastar de máste veel uitgeven

verbruiken, verspillen

Ook: consumeren
WerkwoordB1regular ar
Een hoog, helder drinkglas dat op een oppervlak staat en slechts één druppel water op de bodem bevat, wat symbool staat voor een volledig opgebruikte hulpbron.
infinitivegastar (base form)
gerundgastando (-ing form)
past Participlegastado (used with 'haber')

📝 In Actie

No gastes la batería del móvil mirando videos.

B1

Verspil de batterij van je mobiel niet door video's te kijken.

Gastamos mucha energía en calentar la casa.

B1

We verbruiken veel energie om het huis te verwarmen.

Es una pena gastar tanto tiempo esperando.

B2

Het is zonde om zoveel tijd te verspillen met wachten.

Woordverbindingen

Synoniemen

Antoniemen

Veelvoorkomende Collocaties

  • gastar luz / electricidadelektriciteit verbruiken
  • gastar salivaje adem verspillen (zinloos praten)

verslijten, slijten

Ook: opraken
WerkwoordB2regular ar
Een felgekleurde sok met een groot, zichtbaar gat bij de teen, wat duidt op slijtage door gebruik.
infinitivegastarse (reflexive base form)
gerundgastándose (-ing form)
past Participlegastado (used with 'haber')

📝 In Actie

Mis zapatos favoritos ya se gastaron.

B2

Mijn favoriete schoenen zijn al versleten.

La batería de mi portátil se gasta muy rápido.

B2

De batterij van mijn laptop raakt heel snel leeg.

Woordverbindingen

Synoniemen

  • deteriorarse (verslechteren)

Veelvoorkomende Collocaties

  • ropa gastadaversleten kleding

🔄 Vervoegingen

indicative

present

él/ella/ustedgasta
yogasto
gastas
ellos/ellas/ustedesgastan
nosotrosgastamos
vosotrosgastáis

imperfect

él/ella/ustedgastaba
yogastaba
gastabas
ellos/ellas/ustedesgastaban
nosotrosgastábamos
vosotrosgastabais

preterite

él/ella/ustedgastó
yogasté
gastaste
ellos/ellas/ustedesgastaron
nosotrosgastamos
vosotrosgastasteis

subjunctive

present

él/ella/ustedgaste
yogaste
gastes
ellos/ellas/ustedesgasten
nosotrosgastemos
vosotrosgastéis

imperfect

él/ella/ustedgastara
yogastara
gastaras
ellos/ellas/ustedesgastaran
nosotrosgastáramos
vosotrosgastarais

🔀 Commonly Confused With

Vertaal naar het Spaans

✏️ Snelle oefening

Snelle Quiz: gastar

Vraag 1 van 2

Welke zin gebruikt 'gastar' in de zin van 'tijd verspillen'?

📚 Meer bronnen

👥 Woordfamilie
el gasto(de uitgave/kostenpost)Zelfstandig naamwoord
gastador/a(verspiller/uitgever (persoon))Zelfstandig naamwoord / Bijvoeglijk naamwoord
gastado/a(versleten (bijvoeglijk naamwoord))Bijvoeglijk naamwoord
🎵 Rijmwoorden
📚 Etymologie

Het woord 'gastar' komt van het Gotische taal, waar de wortel *wastjan* 'kleden' of 'aankleden' betekende. Na verloop van tijd, naarmate kleding versleet, verschoof de betekenis in het Spaans naar 'verslijten', en later, bij uitbreiding, naar 'opmaken' en uiteindelijk 'geld uitgeven'.

Eerste vermelding: 13th century

Cognaten (Verwante woorden)

French: gâter (to spoil/ruin)

💡 Beheers Spaans

Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!

Veelgestelde Vragen

Is er een verschil tussen 'gastar' en 'consumir'?

'Gastar' is over het algemeen veel breder. Hoewel beide 'verbruiken' betekenen (zoals brandstof of elektriciteit), is 'gastar' het vereiste werkwoord voor het uitgeven van geld, en het wordt ook gebruikt voor dingen die verslijten. 'Consumir' heeft specifiek betrekking op eten, drinken of het verbruiken van hulpbronnen in de zin van consumptie.

Hoe zeg ik 'Ik heb twee uur huiswerk gemaakt'?

Je moet het werkwoord 'pasar' (doorbrengen/verstrijken) gebruiken, niet 'gastar'. Zeg: 'Pasé dos horas haciendo la tarea.'