Inklingo

impostor

eem-pohs-TOHR/im.posˈtoɾ/

impostor betekent impostor in het Spaans. Het heeft 2 verschillende betekenissen, afhankelijk van de context:

impostor

Ook: fraudeur, nep
Een persoon die een eenvoudig kartonnen masker met een lachend gezicht draagt over zijn eigen neutrale uitdrukking.

📝 In Actie

El impostor se hizo pasar por un cirujano famoso.

B1

De bedrieger deed zich voor als een beroemde chirurg.

Nadie sospechaba que el nuevo vecino era un impostor.

B2

Niemand vermoedde dat de nieuwe buurman een bedrieger was.

La policía finalmente atrapó al impostor en el aeropuerto.

A2

De politie pakte de bedrieger uiteindelijk op het vliegveld.

Woordverbindingen

Synoniemen

  • farsante (nep/valsspeler)
  • suplantador (identiteitsdief)

Antoniemen

  • original (origineel)
  • auténtico (authentiek persoon)

Veelvoorkomende Collocaties

  • impostor profesionalprofessionele bedrieger
  • desenmascarar al impostorde bedrieger ontmaskeren
  • un hábil impostoreen bekwame bedrieger

Idiomen & Uitdrukkingen

  • Pillar a un impostor con las manos en la masaEen bedrieger op heterdaad betrappen

misleidend

Ook: bedrieglijk
Een persoon die een helderrode appel achter zijn rug houdt terwijl hij met een valse glimlach een zure citroen aanbiedt.

📝 In Actie

Ese es un espíritu impostor que solo busca engañar.

C1

Dat is een misleidende geest die alleen maar probeert te bedriegen.

No confíes en su discurso impostor.

B2

Vertrouw zijn misleidende woorden niet.

Sus palabras impostoras no nos convencieron.

B2

Zijn misleidende woorden overtuigden ons niet.

Woordverbindingen

Synoniemen

  • engañoso (bedrieglijk)
  • falso (vals)

Antoniemen

Veelvoorkomende Collocaties

  • apariencia impostoramisleidend uiterlijk

Vertaal naar het Spaans

Woorden die vertaald worden als "impostor" in het Spaans:

bedrieglijkfraudeurimpostormisleidendnep

✏️ Snelle oefening

Snelle Quiz: impostor

Vraag 1 van 3

Welke zin gebruikt 'impostor' correct voor een man die zich voordoet als piloot?

📚 Meer bronnen

👥 Woordfamilie
impostora(vrouwelijke bedrieger)Zelfstandig naamwoord
impostura(bedrog / de daad van bedriegen)Zelfstandig naamwoord
imponer(op te leggen)Werkwoord
🎵 Rijmwoorden
📚 Etymologie

Van het Latijnse woord 'impostor', dat afkomstig is van 'imponere', wat 'plaatsen op' of 'opleggen' betekent. Het draagt het idee van het 'opleggen' van een valse identiteit aan anderen.

Eerste vermelding: 16th century

Cognaten (Verwante woorden)

French: imposteurEnglish: impostorItalian: impostore

💡 Beheers Spaans

Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!

Veelgestelde Vragen

Wordt 'impostor' met een 'o' of een 'e' aan het einde gespeld?

In het Spaans eindigt het altijd op 'or' voor mannelijk en 'ora' voor vrouwelijk. In tegenstelling tot het Engels, waar het soms 'imposter' wordt gespeld, is in het Spaans alleen 'impostor' correct.

Heeft 'impostor' een accentteken?

Nee. Omdat het eindigt op 'r' en de klemtoon op de laatste lettergreep ligt (im-pos-TOR), volgt het de standaardregels en heeft het geen accentteken nodig.

Kan ik dit woord gebruiken om te praten over 'Imposter Syndrome'?

Ja! In het Spaans heet dat psychologische gevoel 'el síndrome del impostor'.