Inklingo

presento

pre-SEN-tohpɾeˈsento

Ik stel voor

Ook: Ik presenteer
WerkwoordA1regular ar
Een lachend persoon in een blauw shirt introduceert twee andere mensen die elkaar de hand schudden.
infinitivepresentar
gerundpresentando
past Participlepresentado

📝 In Actie

Te presento a mi madre, María.

A1

Ik stel u mijn moeder, María, voor.

Presento una queja formal sobre el servicio.

A2

Ik dien een formele klacht in over de service.

Woordverbindingen

Synoniemen

Veelvoorkomende Collocaties

  • me presentoIk stel me voor

Ik dien in

Ook: Ik lever in, Ik dien in (formeel)
WerkwoordA2regular ar
De hand van een persoon plaatst een opgerold document in een houten inzendbus op een bureau.

📝 In Actie

Presento mi solicitud de visa mañana.

A2

Ik dien morgen mijn visumaanvraag in.

Siempre presento mis tareas a tiempo.

B1

Ik lever mijn huiswerk altijd op tijd in.

Woordverbindingen

Synoniemen

Veelvoorkomende Collocaties

  • presento papelesIk dien papierwerk in

Ik toon

Ook: Ik exposeer
WerkwoordB1regular ar
Een persoon trekt een groot rood gordijn terug om trots een kleurrijk, eenvoudig sculptuur op een sokkel te onthullen.

📝 In Actie

En la feria presento mi nueva línea de ropa.

B1

Op de beurs toon/exposeer ik mijn nieuwe kledinglijn.

Presento una obra de teatro la próxima semana.

B2

Ik presenteer volgende week een toneelstuk.

Woordverbindingen

Synoniemen

Veelvoorkomende Collocaties

  • presento evidenciaIk presenteer bewijs

Ik presenteer

Ook: Ik anker
WerkwoordB2regular ar
Een vrolijk persoon staat achter een grote studiomicrofoon op een standaard en fungeert als presentator van een programma.

📝 In Actie

Yo presento el noticiero de las ocho de la noche.

B2

Ik presenteer het achtuurjournaal.

Presento un podcast semanal sobre historia.

B2

Ik presenteer een wekelijkse podcast over geschiedenis.

Woordverbindingen

Synoniemen

  • conduzco (Ik leid/presenteer (Latijns-Amerika))
  • modero (Ik modereer)

Veelvoorkomende Collocaties

  • presento un programaIk presenteer een programma

Indicative

Present

yopresento
presentas
él/ella/ustedpresenta
nosotrospresentamos
vosotrospresentáis
ellos/ellas/ustedespresentan

Imperfect

yopresentaba
presentabas
él/ella/ustedpresentaba
nosotrospresentábamos
vosotrospresentabais
ellos/ellas/ustedespresentaban

Preterite

yopresenté
presentaste
él/ella/ustedpresentó
nosotrospresentamos
vosotrospresentasteis
ellos/ellas/ustedespresentaron

Subjunctive

Present Subjunctive

yopresente
presentes
él/ella/ustedpresente
nosotrospresentemos
vosotrospresentéis
ellos/ellas/ustedespresenten

Imperfect Subjunctive

yopresentara
presentaras
él/ella/ustedpresentara
nosotrospresentáramos
vosotrospresentarais
ellos/ellas/ustedespresentaran

Vertaal naar het Spaans

Woorden die vertaald worden als "presento" in het Spaans:

ik ankerik exposeerik presenteerik toononthuldetoonde

✏️ Snelle oefening

Snelle Quiz: presento

Vraag 1 van 2

Welke Nederlandse vertaling is correct voor de zin: 'Presento a mis padres al jefe.'?

📚 Meer bronnen

👥 Woordfamilie
🎵 Rijmwoorden
📚 Etymologie

Het woord komt van het Laat-Latijnse werkwoord *praesentāre*, wat 'voor plaatsen' of 'aanbieden' betekende. Het is opgebouwd uit het Latijnse woord *praesēns*, wat 'aanwezig' of 'voor iemand zijnde' betekent.

Eerste vermelding: 13th century

Cognaten (Verwante woorden)

Portuguese: apresentoItalian: presento

💡 Beheers Spaans

Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!

Veelgestelde Vragen

Wat is het verschil tussen 'presento' en 'me presento'?

'Presento' betekent 'ik stel iemand anders voor' of 'ik dien iets in'. 'Me presento' voegt het kleine woordje 'me' toe en betekent 'ik stel *me* voor' of 'ik verschijn/kom opdagen' (in sommige contexten). Dit is vergelijkbaar met het verschil tussen 'Ik stel voor' en 'Ik stel me voor' in het Nederlands.

Is 'presento' een regelmatig werkwoord?

Ja, 'presentar' is een regelmatig werkwoord dat eindigt op -ar, wat betekent dat de vervoegingen zeer voorspelbaar en gemakkelijk te leren zijn, net als bij Nederlandse -en werkwoorden.