quedó
“quedó” betekent “bleef” in het Spaans. Het heeft 3 verschillende betekenissen, afhankelijk van de context:
bleef, resteerde
Ook: werd achtergelaten
📝 In Actie
Ella se quedó en la oficina hasta tarde.
A1Ze bleef tot laat op kantoor.
Solo quedó un trozo de pastel en el plato.
A2Er bleef maar één stuk taart op het bord over.
El perro se quedó dormido en el sofá.
A2De hond bleef slapen op de bank.
paste, stond
Ook: stond goed
📝 In Actie
La chaqueta le quedó un poco grande.
A2De jas was een beetje te groot voor hem.
Ese color le quedó de maravilla.
B1Die kleur stond haar prachtig.
pakte uit, eindigde
Ook: resulteerde in
📝 In Actie
Después de la pelea, él quedó muy enojado.
B1Na de ruzie was hij erg boos.
La casa quedó irreconocible después del incendio.
B2Het huis was na de brand onherkenbaar.
🔄 Vervoegingen
indicative
present
imperfect
preterite
subjunctive
present
imperfect
Vertaal naar het Spaans
Woorden die vertaald worden als "quedó" in het Spaans:
pakte uit→resteerde→resulteerde in→werd achtergelaten→✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: quedó
Vraag 1 van 2
Welke Nederlandse vertaling past het beste bij de zin: 'El problema se quedó sin solución.'
📚 Meer bronnen
👥 Woordfamilie▼
📚 Etymologie▼
Komt van het Latijnse werkwoord *quietare*, wat 'kalmeren' of 'tot rust komen' betekent. Deze historische betekenis is geëvolueerd naar de huidige zin van 'achterblijven' of 'zich vestigen op een plaats.'
Eerste vermelding: 13th century
Cognaten (Verwante woorden)
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
Veelgestelde Vragen
Wat is het verschil tussen 'quedó' en 'se quedó'?
'Quedó' (zonder 'se') betekent vaak 'het resulteerde in', 'het werd achtergelaten' of 'het bevond zich'. 'Se quedó' (met 'se') betekent meestal 'hij/zij bleef' of 'hij/zij hield iets', waarbij de intentie van de spreker of een permanente staat wordt benadrukt.
Wordt 'quedó' meer gebruikt voor mensen of dingen?
'Quedó' is veelzijdig! Het wordt gebruikt voor mensen (Hij bleef/Hij werd), dingen (Het werd achtergelaten), en abstracte concepten (De kleur stond goed).


