Hoe zeg je "het" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “het” is “eso” — gebruik 'eso' als 'het' verwijst naar iets algemeens waarvoor geen specifiek Spaans mannelijk of vrouwelijk woord bestaat, of wanneer je iets aanwijst zonder verdere context..
eso
/eh-so//'eso/

Voorbeelden
¿Qué es eso?
Wat is dat?
No me gusta eso.
Dat vind ik niet leuk.
Eso es muy interesante.
Dat is erg interessant.
Wijzen naar ideeën of dingen
'Eso' betekent 'dat' en wordt gebruikt om te praten over dingen die zich op een gemiddelde afstand van je bevinden, of om te verwijzen naar een situatie of idee dat je net hebt genoemd.
'Esto', 'Eso', & 'Aquello'
Denk eraan als afstandslevels: 'esto' is voor 'dit' (dichtbij mij), 'eso' is voor 'dat' (iets verder weg), en 'aquello' is voor 'dat daar' (ver weg). Dit is vergelijkbaar met de Nederlandse 'dit' en 'dat', maar Spaans heeft een extra niveau voor ver weg.
Het 'Neutrale' Aanwijzende Woord
'Eso' is speciaal omdat het niet verandert voor mannelijke of vrouwelijke dingen. Gebruik het voor onbekende objecten, abstracte ideeën of hele situaties. In het Nederlands gebruiken we vaak 'dat' voor alles, maar in het Spaans is dit een specifiek woord.
Gebruik van 'Eso' voor specifieke zelfstandige naamwoorden
Fout: “Me gusta eso coche.”
Correctie: Gebruik 'ese' voor mannelijke dingen ('ese coche') en 'esa' voor vrouwelijke dingen ('esa casa'). 'Eso' is voor als je het geslacht niet weet of als je over een idee praat, niet over een specifiek zelfstandig naamwoord. Dit is anders dan in het Nederlands, waar 'dat' voor alles kan staan.
lo
/loh//lo/

Voorbeelden
¿Tienes el libro? Sí, lo tengo.
Heb je het boek? Ja, ik heb het.
Vi a tu amigo en el parque. Lo saludé.
Ik zag je vriend in het park. Ik zei gedag tegen hem.
Si quieres el coche, cómpralo.
Als je de auto wilt, koop hem dan.
Vervanging van Mannelijke Zaken
Gebruik 'lo' om één mannelijk zelfstandig naamwoord (dat 'el' gebruikt) te vervangen dat het lijdend voorwerp is van een werkwoord. Het is de Spaanse manier om 'het' of 'hem' te zeggen in deze situaties.
Waar Plaats Je 'lo'?
'Lo' staat meestal direct vóór het werkwoord. Bijvoorbeeld: 'Lo compro' (Ik koop het). Als je twee werkwoorden achter elkaar hebt, kan het ook aan het einde van het tweede werkwoord vastgeplakt worden: 'Voy a comprarlo' (Ik ga het kopen).
Gebruik van 'lo' voor Vrouwelijke Zaken
Fout: “Vi la película y lo recomendé.”
Correctie: Vi la película y la recomendé. (Ik zag de film en ik raadde hem aan.) Onthoud dat 'lo' voor mannelijke zaken ('el') is. Voor vrouwelijke zaken ('la') moet je 'la' gebruiken.
la
/la//la/

Voorbeelden
¿Conoces a Ana? Sí, la conozco.
Ken je Ana? Ja, ik ken haar.
Compré la camisa ayer y ya la perdí.
Ik heb de blouse gisteren gekocht en ik ben hem al kwijt.
Señora, ¿la puedo ayudar?
Mevrouw, kan ik u helpen?
Een Zelfstandig Naamwoord Vervangen
Deze 'la' is een afkorting. In plaats van een vrouwelijk zelfstandig naamwoord te herhalen, kun je het vervangen door 'la'. Bijvoorbeeld, in plaats van 'Veo a la chica', kun je zeggen 'La veo' (Ik zie haar). Dit is vergelijkbaar met het gebruik van 'haar' of 'hem' in het Nederlands.
Waar Komt Het?
Meestal staat 'la' direct vóór het werkwoord. 'La llamo' (Ik bel haar). Bij gebiedende wijs of twee werkwoorden kun je het aan het einde vastplakken: '¡Llámala!' (Bel haar!) of 'Voy a llamarla' (Ik ga haar bellen).
Verwarring tussen 'la' en 'le'
Fout: “La doy un regalo a mi mamá.”
Correctie: Le doy un regalo a mi mamá. Gebruik 'la' voor wie/wat de *directe actie* ondergaat (Ik zie HAAR). Gebruik 'le' voor wie/wat iets wordt gedaan of voor wie het bedoeld is (Ik geef een cadeau AAN HAAR). In het Nederlands is dit onderscheid minder strikt dan tussen het lijdend voorwerp ('haar') en het meewerkend voorwerp ('haar/aan haar').
ello
/EY-yo//'e.ʎo/

Voorbeelden
Hablamos de su renuncia y todo lo relacionado con ello.
We spraken over zijn ontslag en alles wat daarmee verband hield.
No quiero pensar en ello ahora.
Ik wil er nu niet aan denken.
Para ello, necesitamos más tiempo.
Daarvoor hebben we meer tijd nodig.
Het 'Het' voor Ideeën, Niet voor Dingen
Gebruik 'ello' om terug te verwijzen naar een geheel idee, situatie of concept dat je net hebt genoemd, niet naar een specifiek mannelijk of vrouwelijk object. Zie het als een formele manier om 'dat hele ding' te zeggen.
Beste Vrienden met Voorzetsels
Je zult 'ello' bijna altijd direct na een kort verbindingswoord (een voorzetsel) zien staan zoals 'de', 'con', 'por' of 'en'. Bijvoorbeeld: 'No me preocupo por ello' (Ik maak me daar geen zorgen over).
Gebruik van 'Ello' voor Objecten
Fout: “Vi el coche y ello era rojo.”
Correctie: Vi el coche y era rojo. (Waarom: 'Ello' is voor ideeën. Aangezien 'coche' een mannelijk ding is ('el coche'), heb je geen voornaamwoord nodig. Zeg gewoon 'era rojo'.)
Overmatig Gebruik van 'Ello' in Gesprekken
Fout: “¿Te gustó el concierto? Ello fue increíble.”
Correctie: ¿Te gustó el concierto? Eso fue increíble. (Waarom: In alledaagse gesprekken klinkt 'ello' erg formeel. 'Eso' is de natuurlijke keuze om naar 'dat' of 'het' te verwijzen wanneer je over een gebeurtenis of idee praat.)
Het verschil tussen 'lo', 'la' en 'eso'
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.



