Hoe zeg je "meester" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “meester” is “dueño” — gebruik 'dueño' wanneer je spreekt over de eigenaar van iets, zoals een object of een huisdier, in een algemene context..
dueño
Voorbeelden
¿Quién es el dueño de este coche rojo?
Wie is de eigenaar van deze rode auto?
patrón
Voorbeelden
Mi patrón es muy estricto con la hora de llegada.
Mijn baas is erg streng met de aankomsttijd.
maestro
/mah-ESS-troh//maˈes.tɾo/

Voorbeelden
Picasso fue un maestro del cubismo.
Picasso was een meester in het kubisme.
Es un maestro en el arte de la negociación.
Hij is een meester in de kunst van het onderhandelen.
El carpintero es un verdadero maestro; su trabajo es impecable.
De timmerman is een ware meester; zijn werk is foutloos.
rey
/rrey//rei̯/

Voorbeelden
Michael Jordan es el rey del baloncesto.
Michael Jordan is de koning van het basketbal.
Mi abuelo es el rey de la paella; nadie la hace mejor.
Mijn opa is de koning van de paella; niemand maakt het beter.
Ese niño es el rey de la casa, todos hacen lo que él quiere.
Dat kind is de koning van het huis, iedereen doet wat hij wil.
amo
/ah-moh//'a.mo/

Voorbeelden
El perro espera felizmente a su amo.
De hond wacht gelukkig op zijn eigenaar.
En la película, el sirviente era leal a su amo.
In de film was de dienaar loyaal aan zijn meester.
Él se cree el amo del universo.
Hij denkt dat hij de meester van het universum is.
Een Mannelijk Woord
Dit woord is mannelijk, dus je zegt 'el amo' of 'un amo'. Het woord voor een vrouwelijke meester is 'el ama'. We gebruiken 'el' in plaats van 'la' om de ongemakkelijke klank 'la ama' te vermijden, ook al is 'ama' een vrouwelijk zelfstandig naamwoord. Dit is een typisch geval van klankvoorkeur in het Spaans, wat in het Nederlands minder voorkomt.
Het Zelfstandig Naamwoord en Werkwoord Verwarren
Fout: “'El perro tiene un amo.' (Denken dat dit betekent 'De hond heeft een ik hou van.')”
Correctie: De woorden 'un' of 'el' vóór 'amo' zijn je aanwijzing dat het het zelfstandig naamwoord 'meester/eigenaar' is. Als het op zichzelf staat of na 'yo', is het het werkwoord 'ik hou van'.
señor
Voorbeelden
El rey era el señor de todas esas tierras.
De koning was de heer van al die landen.
príncipe
Voorbeelden
Es considerado el príncipe de la literatura moderna.
Hij wordt beschouwd als de meester/prins van de moderne literatuur.
lord
/lord//loɾd/

Voorbeelden
Leí una novela sobre un joven lord que hereda un castillo escocés.
Ik las een roman over een jonge lord die een Schots kasteel erft.
El Lord Mayor de Londres es una figura ceremonial importante para la ciudad.
De Lord Mayor van Londen is een belangrijke ceremoniële figuur voor de stad.
Muchos lords tienen asientos en la Cámara Alta del Parlamento británico.
Veel lords hebben zetels in het Hogerhuis van het Britse Parlement.
Altijd Mannelijk
Hoewel dit woord een titel is, wordt het in het Spaans altijd als een mannelijk zelfstandig naamwoord behandeld: 'el lord', 'los lords'. Dit is vergelijkbaar met hoe het in het Nederlands vaak als een mannelijk/onzijdig woord wordt gebruikt, maar de Spaanse regel is strikt mannelijk.
Gebruik van 'Señor'
Fout: “Het gebruik van 'señor' bij het verwijzen naar een specifieke Britse adellijke titel.”
Correctie: Hoewel 'señor' vaak wordt gebruikt voor 'sir' of 'meneer', wordt voor de formele Britse titel bijna altijd het anglicisme 'lord' verkozen in Spaanse media en literatuur. Nederlandstaligen moeten oppassen dit niet te verwarren met het Nederlandse 'heer'.
De meest gemaakte fout: 'maestro' vs. 'dueño'
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.



