Inklingo

Hoe zeg je "paste" in het Spaans

Dutch → Spaans

quedaba

keh-DAH-bah/keˈðaβa/

werkwoordB1neutraal
Gebruik dit woord om te beschrijven hoe iets (vooral kleding) in het verleden goed of niet goed paste qua maat of stijl.
Een klein, eenvoudig personage draagt een extreem grote, felrode trui die vele maten te groot is. De mouwen hangen ver voorbij de vingertoppen, wat laat zien dat de kleding niet goed paste.

Voorbeelden

El sombrero le quedaba muy bien con su traje azul.

De hoed stond hem erg goed met zijn blauwe pak.

La ropa de niño me quedaba pequeña cuando tenía diez años.

De kinderkleding paste me te klein toen ik tien jaar oud was.

Gebruik met 'Le' of 'Me'

Wanneer je het hebt over hoe kleding past, heb je bijna altijd een indirect voornaamwoord nodig: 'Me quedaba' (het paste mij), 'Le quedaba' (het paste hem/haar). Het onderwerp is de kleding, niet de persoon! Dit is anders dan in het Nederlands waar we vaak zeggen 'De trui was te groot' (onderwerp is de trui).

quedó

werkwoordA2neutraal
Gebruik dit woord om te beschrijven hoe iets (vooral kleding) op een specifiek moment in het verleden paste, vaak met een nadruk op het resultaat of de uiteindelijke pasvorm.

Voorbeelden

La chaqueta le quedó un poco grande.

De jas was een beetje te groot voor hem.

quedara

/keh-DAH-rah//keˈðaɾa/

werkwoordB2neutraal
Gebruik dit woord om te verwijzen naar een hypothetische of onzekere pasvorm in het verleden, vaak in bijzinnen na 'que'.
Iemand die blij een felblauw overhemd past dat perfect zit, en een tevreden duim omhoog geeft.

Voorbeelden

No estaba seguro de que la camisa le quedara bien.

Ik wist niet zeker of het overhemd hem goed zou staan.

Si el color quedara muy oscuro, podemos cambiarlo.

Als de kleur te donker zou staan, konden we het veranderen.

Era necesario que el corte de pelo quedara moderno.

Het was nodig dat het kapsel er modern uitzag.

Gebruik van 'quedar' zoals 'gustar'

Wanneer we het hebben over pasvorm of geschiktheid, werkt 'quedar' vaak als 'gustar' (leuk vinden), waarbij het onderwerp het kledingstuk is en de persoon het indirect object is: 'La falda me queda bien' (De rok staat mij goed).

Verschil tussen quedaba en quedó

De meest gemaakte fout is het verwarren van 'quedaba' en 'quedó'. 'Quedaba' beschrijft een doorlopende toestand in het verleden (hoe het paste), terwijl 'quedó' meer focust op het eindresultaat of een specifiek moment (hoe het uitpakte).

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.