Hoe zeg je "uitlenen" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “uitlenen” is “prestar” — gebruik 'prestar' wanneer je iets aan iemand anders geeft met de verwachting dat het terugkomt, zoals geld of een voorwerp. Het impliceert een tijdelijke overdracht..
prestar
/pres-TAHR//pɾesˈtaɾ/

Voorbeelden
¿Puedes prestarme tu bolígrafo?
Kun je me je pen lenen?
Mi hermano me prestó su coche el fin de semana.
Mijn broer leende me zijn auto in het weekend.
Lenen vs. Uitlenen (Lend vs. Borrow)
Het Spaans gebruikt 'prestar' om 'tijdelijk geven' (uitlenen) aan te duiden. Om 'tijdelijk ontvangen' (lenen) te zeggen, moet je 'pedir prestado' zeggen (letterlijk: vragen om geleend te krijgen).
Wie ontvangt het?
Gebruik kleine woorden zoals 'me', 'te' of 'le' vóór het werkwoord om aan te geven wie het geleende voorwerp ontvangt.
Gebruik van 'prestar' voor 'lenen (ontvangen)'
Fout: “Yo presté un libro de la biblioteca.”
Correctie: Tomé prestado un libro de la biblioteca.
dejar
/de-HAR//deˈxaɾ/

Voorbeelden
Te dejo mi libro, pero devuélvemelo la próxima semana.
Ik leen je mijn boek, maar geef het volgende week terug.
¿Me dejas tu paraguas? Está lloviendo mucho.
Kun je me je paraplu lenen? Het regent veel.
Gebruik van 'dejar' om 'lenen (vragen)' te zeggen
Fout: “*Yo dejo tu libro. (Proberen te zeggen 'Ik leen jouw boek')”
Correctie: Quiero pedir prestado tu libro. OF ¿Me dejas tu libro? 'Dejar' betekent lenen (geven). Om te lenen (vragen), gebruik je 'pedir prestado'. Je kunt echter wel vragen of iemand het je wil lenen door te zeggen '¿Me dejas...?', wat de meest gebruikelijke manier is om 'Mag ik lenen?' te vragen.
Prestar vs. Dejar bij uitlenen
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.

