Hoe zeg je "vrees" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “vrees” is “miedo” — gebruik 'miedo' voor algemene angst of bang zijn voor iets; het is de meest voorkomende en neutrale vertaling van 'vrees'.
Gebruik 'miedo' voor algemene angst of bang zijn voor iets; het is de meest voorkomende en neutrale vertaling van 'vrees'.
Meer leren →Gebruik 'temor' voor een diepere, vaak anticiperende angst, zoals een gevoel van onrust of bezorgdheid over iets dat nog moet gebeuren.
Meer leren →Gebruik 'terror' voor een extreem sterk gevoel van angst, paniek of afgrijzen, vaak veroorzaakt door een plotselinge of gruwelijke gebeurtenis.
Meer leren →myeh-dohˈmje.ðo

Voorbeelden
Tengo miedo de la oscuridad.
Ik ben bang voor het donker.
El niño gritó de miedo al ver el monstruo.
Het kind schreeuwde van angst toen het het monster zag.
No tengas miedo, es solo un perro pequeño.
Wees niet bang, het is maar een kleine hond.
Het gebruik van 'Tener' voor angst
In het Spaans 'bent' u niet bang, u 'heeft' angst. Gebruik altijd het werkwoord tener (hebben). Bijvoorbeeld, 'Tengo miedo' (Ik heb angst) betekent letterlijk 'Ik ben bang'.
Zeggen waar je bang VOOR bent
Om te zeggen waar je bang voor bent, gebruik je tener miedo a of tener miedo de. Beide zijn correct! Bijvoorbeeld, Tengo miedo a las arañas of Tengo miedo de las arañas betekenen allebei 'Ik ben bang voor spinnen'.
Zeggen 'Soy miedo'
Fout: “Een veelgemaakte fout is 'Soy miedo' zeggen om 'Ik ben bang' te betekenen.”
Correctie: De juiste manier is 'Tengo miedo'. Onthoud dat angst in het Spaans iets is wat je *hebt*, niet iets wat je *bent*.
teh-MORteˈmoɾ

Voorbeelden
El temor a lo desconocido es una emoción humana natural.
De angst voor het onbekende is een natuurlijke menselijke emotie.
La decisión fue tomada con gran temor, pero era necesaria.
De beslissing werd genomen met grote vrees, maar het was noodzakelijk.
Sentía temor de fracasar después de tanto esfuerzo.
Hij voelde angst om te falen na zoveel inspanning.
Gebruik van voorzetsels
Wanneer de bron van de angst wordt uitgedrukt, wordt 'temor' meestal verbonden met het voorzetsel 'a' of 'de'. Voorbeeld: 'temor a la oscuridad' (angst voor het donker).
Verwarring over het geslacht
Fout: “La temor”
Correctie: El temor. Hoewel veel woorden die eindigen op '-or' vrouwelijk zijn, is 'temor' mannelijk (net als 'el amor' of 'el color').
teh-ROHRteˈror

Voorbeelden
El terremoto causó un terror generalizado entre la población.
De aardbeving veroorzaakte wijdverbreide terreur onder de bevolking.
Sentí un terror horrible cuando se apagaron todas las luces.
Ik voelde een vreselijke vrees toen alle lichten uitgingen.
La película de terror me mantuvo despierto toda la noche.
De horrortitel hield me de hele nacht wakker.
Gebruik van 'Tener' versus 'Sentir'
Je kunt het werkwoord 'tener' (hebben) of 'sentir' (voelen) gebruiken met 'terror': 'Tengo terror' (Ik heb terreur) of 'Siento terror' (Ik voel terreur). Beide zijn heel gebruikelijk.
Verkeerd Geslacht
Fout: “La terror”
Correctie: El terror. Hoewel het eindigt op '-or', is 'terror' altijd een mannelijk zelfstandig naamwoord, dus gebruik 'el' of 'un'.
Miedo vs. Temor
De meest gemaakte fout is het verwarren van 'miedo' en 'temor'. 'Miedo' is de algemene term voor angst, terwijl 'temor' duidt op een meer diepe, vaak toekomstige angst. Gebruik 'miedo' als je 'bang' bedoelt en 'temor' voor een grotere, meer abstracte of anticiperende vrees.
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.


