arma
AR-ma
/ˈaɾma/
Arma (v): wapen. Dit is de zelfstandige naamwoord-vorm.
arma(Zelfstandig naamwoord)
wapen
?Algemene term voor elk voorwerp dat gebruikt wordt voor gevecht of verdediging.
wapen
?As in a branch of the military, e.g., 'the naval arm'.
,vuurwapen
?Often used as a general term for a firearm.
📝 In Actie
El soldado llevaba un arma para protegerse.
A2De soldaat droeg een wapen om zichzelf te beschermen.
La policía encontró el arma del crimen en el parque.
B1De politie vond het moordwapen in het park.
Tener un arma de fuego requiere una licencia especial.
B2Het bezitten van een vuurwapen vereist een speciale vergunning.
💡 Grammaticapunten
De 'el arma'-regel
Hoewel 'arma' een vrouwelijk woord is (wat betekent dat je 'las armas' zou zeggen voor meervoud), gebruiken we 'el' in het enkelvoud ('el arma'). Dit is puur om het beter te laten klinken en te voorkomen dat de twee 'a'-klanken in 'la arma' in elkaar overlopen. Dit gebeurt ook bij andere vrouwelijke woorden die beginnen met een beklemtoonde 'a'-klank, zoals 'agua' ('el agua').
❌ Veelgemaakte Fouten
Gebruik van 'la' in plaats van 'el'
Fout: “Vi la arma en la mesa.”
Correctie: Vi el arma en la mesa. Onthoud dat we voor vrouwelijke zelfstandige naamwoorden in het enkelvoud die met een beklemtoonde 'a' beginnen, 'el' lenen om het vloeiend te maken. Maar als je een bijvoeglijk naamwoord toevoegt, gaat het terug naar 'la'! Bijvoorbeeld: 'la potente arma' (het krachtige wapen).
⭐ Gebruikstips
Soorten 'Armas'
Het Spaans specificeert vaak het type wapen. 'Arma de fuego' verwijst naar vuurwapens, terwijl 'arma blanca' verwijst naar alles met een lemmet, zoals een mes of zwaard.

Arma (v): hij/zij/u (formeel) stelt samen. Dit is de werkwoordvorm van armar.
arma(Werkwoord)
hij/zij/u (formeel) stelt samen
?Meubels, een model, een puzzel in elkaar zetten.
hij/zij/u (formeel) bewapent
?Providing someone with weapons.
,hij/zij/u (formeel) veroorzaakt / begint
?In phrases like 'armar un escándalo' (to cause a scandal).
📝 In Actie
Mi papá siempre arma los muebles que compramos.
B1Mijn vader monteert altijd de meubels die we kopen.
Ella arma un rompecabezas cada fin de semana.
B1Zij legt elk weekend een puzzel.
¡No me grites! No quiero que la gente piense que usted arma un escándalo.
B2Schreeuw niet tegen mij! Ik wil niet dat mensen denken dat je een scène maakt.
💡 Grammaticapunten
Niet het Zelfstandig Naamwoord!
Deze 'arma' is een vorm van het werkwoord 'armar'. Het is het actiewoord dat betekent 'hij stelt samen', 'zij stelt samen', of 'u stelt samen'. Je kunt het zien aan hoe het in een zin wordt gebruikt met een persoon of ding dat de actie uitvoert.
❌ Veelgemaakte Fouten
Zelfstandig naamwoord en werkwoord verwarren
Fout: “El mueble arma bien. (Het meubelstuk stelt zichzelf goed samen.)”
Correctie: El mueble se arma bien. (Het meubelstuk wordt goed geassembleerd / zet zichzelf goed in elkaar.) Voor dingen die geassembleerd worden, gebruiken we vaak 'se' vóór het werkwoord.
⭐ Gebruikstips
Verder dan Assembleren
Let op de uitdrukking 'armar un escándalo' of 'armar un lío'. Het is een veelgebruikte manier om te zeggen dat iemand 'een scène maakt' of 'ophef veroorzaakt'. Het is iets dramatischer dan alleen 'een probleem veroorzaken'.
🔄 Vervoegingen
indicative
present
imperfect
preterite
subjunctive
present
imperfect
✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: arma
Vraag 1 van 1
In welke zin wordt 'arma' gebruikt om een wapen aan te duiden?
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
📚 Meer bronnen
Veelgestelde Vragen
Waarom zeggen mensen 'el arma' als 'arma' een vrouwelijk woord is? Zou het niet 'la arma' moeten zijn?
Goede vraag! Dit is een speciale regel in het Spaans om de taal soepeler te laten klinken. Wanneer een vrouwelijk woord begint met een beklemtoonde 'a'-klank (zoals in AR-ma), gebruiken we 'el' in plaats van 'la' in de enkelvoudsvorm om te voorkomen dat de twee 'a'-klanken botsen. Maar het woord blijft vrouwelijk! Dus in het meervoud wordt het weer normaal: 'las armas'.
Hoe kan ik zien of 'arma' 'wapen' betekent of 'hij/zij stelt samen'?
Kijk naar de woorden eromheen! Als je 'el' of 'un' ervoor ziet (zoals 'el arma'), is het bijna altijd het zelfstandig naamwoord 'wapen'. Als het na een persoon of ding komt (zoals 'Mi hermano arma...'), is het het werkwoord 'stelt samen'. Context is je beste vriend!