sobrevivir
“sobrevivir” betekent “overleven” in het Spaans. Het heeft 2 verschillende betekenissen, afhankelijk van de context:
overleven, overleven
Ook: doorstaan
📝 In Actie
Sobrevivió al accidente de avión milagrosamente.
B1Hij overleefde wonderbaarlijk de vliegtuigcrash.
Ella sobrevivió a todos sus hermanos.
B2Zij overleefde al haar broers en zussen.
Necesitas agua para sobrevivir en el desierto.
A2Je hebt water nodig om te overleven in de woestijn.
het maar net redden, rondkomen
Ook: subsisteren
📝 In Actie
Con ese sueldo, apenas puede sobrevivir.
B2Met dat salaris kan hij het maar net redden.
La empresa logró sobrevivir a la crisis económica.
C1Het bedrijf is erin geslaagd de economische crisis te doorstaan.
Sobreviven a base de arroz y frijoles.
B2Ze leven van een dieet van rijst en bonen.
🔄 Vervoegingen
indicative
present
imperfect
preterite
subjunctive
present
imperfect
Vertaal naar het Spaans
Woorden die vertaald worden als "sobrevivir" in het Spaans:
doorstaan→overleven→rondkomen→subsisteren→✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: sobrevivir
Vraag 1 van 1
Welke zin gebruikt 'sobrevivir' in de zin van 'financieel het maar net redden'?
📚 Meer bronnen
👥 Woordfamilie▼
📚 Etymologie▼
Komt van het voorvoegsel *sobre-* (wat 'over' of 'voorbij' betekent) gecombineerd met het werkwoord *vivir* ('leven'). De letterlijke betekenis is dus 'voorbij een bepaald punt of gebeurtenis leven'.
Eerste vermelding: Medieval Spanish
Cognaten (Verwante woorden)
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
Veelgestelde Vragen
Is 'sobrevivir' een stamwisselingwerkwoord?
'Sobrevivir' is een volledig regelmatig -ir werkwoord. In tegenstelling tot werkwoorden zoals *dormir* of *sentir*, verandert de stam ('sobreviv-') niet wanneer je het vervoegt in de tegenwoordige tijd of andere tijden. Het volgt het standaardpatroon voor -ir werkwoorden.
Heb ik een voorzetsel nodig na 'sobrevivir'?
Ja, meestal wel. Wanneer je specificeert wat je hebt overleefd (een ramp, een crisis, of een persoon die je overleefde), gebruik je doorgaans het voorzetsel 'a': 'sobrevivir *al* terremoto' (de aardbeving overleven). Dit is een belangrijk verschil met het Nederlands.

