sufrir
soo-FREER
/suˈfɾiɾ/
Wanneer 'sufrir' lijden betekent onder fysieke of emotionele pijn.
sufrir(Werkwoord)
lijden
?fysieke of emotionele pijn
,pijn hebben
?leed ervaren
rouw dragen
?emotional suffering
📝 In Actie
Mi abuelo sufrió mucho después de la operación.
B1Mijn opa heeft veel geleden na de operatie.
Ella sufre de insomnio crónico.
B1Zij lijdt aan chronische slapeloosheid.
No quiero que sufras por mi culpa.
A2Ik wil niet dat jij om mij lijdt.
💡 Grammaticapunten
Sufrir versus Padecer
Beide betekenen 'lijden', maar 'padecer' duidt vaak op het lijden aan een specifieke, meestal chronische, aandoening of ziekte, terwijl 'sufrir' algemener is. In het Nederlands gebruiken we vaak 'lijden aan' voor beide, maar 'padecer' klinkt formeler.
❌ Veelgemaakte Fouten
Gebruik van 'de' bij direct lijden
Fout: “Sufro el dolor.”
Correctie: Sufro de dolor. (De voorzetsel 'de' wordt vaak gebruikt als het gaat om de bron of de toestand waar men onder lijdt, vergelijkbaar met het Nederlandse 'lijden aan'.)
⭐ Gebruikstips
Emotioneel versus Fysiek
Je kunt 'sufrir' gebruiken voor zowel emotionele pijn (sufrir por amor) als fysieke pijn (sufrir una herida).

Wanneer 'sufrir' betekent ondergaan een proces of verandering.
sufrir(Werkwoord)
ondergaan
?een proces, verandering of consequentie
,lijden
?schade of verlies
opgelopen
?financial losses
,verdragen
?rarely, in older usage
📝 In Actie
La empresa sufrió grandes pérdidas este trimestre.
B2Het bedrijf heeft dit kwartaal grote verliezen geleden.
El edificio sufrió daños graves a causa del terremoto.
B2Het gebouw heeft ernstige schade opgelopen door de aardbeving.
Nuestra reputación sufrió un duro golpe.
C1Onze reputatie heeft een zware klap opgelopen.
💡 Grammaticapunten
Niet-menselijke onderwerpen
In deze context is het onderwerp dat 'sufrir' uitvoert vaak een levenloos object, zoals 'el puente' (de brug) of 'la economía' (de economie). Dit komt overeen met het Nederlandse gebruik van 'ondergaan' of 'lijden' bij abstracte zaken.
❌ Veelgemaakte Fouten
Verwarring met 'soportar'
Fout: “El puente sufrió el peso.”
Correctie: El puente soportó el peso. ('Soportar' betekent gewicht of druk weerstaan, terwijl 'sufrir' betekent er negatief door beïnvloed worden. In het Nederlands is 'verdragen' of 'weerstaan' beter voor de fysieke last.)
⭐ Gebruikstips
Financiële context
Als je het over geld of zaken hebt, is 'sufrir' het perfecte werkwoord om financiële verliezen of dalingen te beschrijven.
🔄 Vervoegingen
indicative
present
imperfect
preterite
subjunctive
present
imperfect
✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: sufrir
Vraag 1 van 1
Welke zin gebruikt 'sufrir' in zijn figuurlijke zin (Betekenis 2)?
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
📚 Meer bronnen
Veelgestelde Vragen
Is 'sufrir' altijd negatief?
Ja, 'sufrir' impliceert bijna altijd dat men iets moeilijks, pijnlijks of schadelijks ervaart. Je zou het niet gebruiken om te beschrijven dat je van iets geniet.
Hoe zeg ik 'I suffer from a disease'?
Je kunt 'sufrir de' of 'padecer de' gebruiken. Bijvoorbeeld: 'Sufro de migrañas' (Ik lijd aan migraine).