Inklingo

Hoe zeg je "doorheen gaan" in het Spaans

Dutch → Spaans

atravesar

ah-trah-veh-SAHRa.tɾa.βeˈsaɾ

verbA2neutraal
Gebruik 'atravesar' wanneer je een fysieke afstand of een obstakel overbrugt of doorkruist, zoals een rivier, een veld of een brug.
Een persoon die over een smalle rivier stapt met behulp van stapstenen, van de ene kant naar de andere.

Voorbeelden

Necesitamos atravesar el puente para llegar al otro lado.

We moeten de brug oversteken om aan de overkant te komen.

El tren atraviesa los campos de trigo muy rápido.

De trein doorkruist de tarwevelden heel snel.

La bala atravesó la pared de yeso.

De kogel doorboorde de gipsplaat.

El cuchillo atravesó la carne fácilmente.

Het mes ging gemakkelijk door het vlees heen.

Stamwisselingsregel

Dit werkwoord is onregelmatig omdat de 'e' in het midden verandert in 'ie' telkens wanneer de klemtoon op die lettergreep valt (in de 'ik/jij/hij'-vormen van de tegenwoordige tijd).

De stamwisseling vergeten

Fout:Yo 'atraveso' (Onjuiste vorm)

Correctie: Yo 'atravieso' (De 'e' moet veranderen in 'ie' in de eerste persoon enkelvoud).

transitar

trahn-see-TAHRtɾansiˈtaɾ

verbB1neutraal
Gebruik 'transitar' om aan te geven dat iets of iemand zich door een specifieke plek beweegt, vaak met de nadruk op het passeren van een gebied of route.
Een wandelaar loopt over een kronkelig bospad.

Voorbeelden

Muchos coches transitan por esta avenida cada hora.

Veel auto's reizen elk uur langs deze avenue.

Es difícil transitar por estas calles cuando llueve.

Het is moeilijk om door deze straten te gaan als het regent.

El sendero es privado y no se permite transitar por él.

Het pad is privé en er langs reizen is niet toegestaan.

Gebruik van 'por' met Transitar

In het Spaans gebruiken we bijna altijd het woord 'por' na 'transitar' om het pad of gebied aan te geven waar iemand doorheen beweegt. Dit is vergelijkbaar met het Nederlandse 'door' of 'langs'.

Een formelere keuze

Hoewel 'ir' (gaan) of 'caminar' (lopen) gebruikelijk zijn voor alledaagse gesprekken, is 'transitar' het woord dat je op verkeersborden of in nieuwsberichten over verkeer zult zien. Het is formeler dan de Nederlandse equivalenten zoals 'rijden' of 'lopen'.

Gebruiken voor een ontspannen wandeling

Fout:Ayer transité con mi perro en el parque.

Correctie: Ayer caminé con mi perro en el parque. (Gebruik 'transitar' voor de handeling van het doorkruisen van een route, niet voor ontspannen wandelen. In het Nederlands zou je hier ook 'wandelen' of 'lopen' gebruiken.)

traspasar

trahs-pah-SAHRtɾaspaˈsaɾ

verbB1neutraal
Gebruik 'traspasar' wanneer iets (zoals licht of een voorwerp) fysiek door een ander materiaal heen gaat, zonder het te vernietigen.
Een scherpe zilveren naald die door een stuk blauwe stof prikt.

Voorbeelden

La luz del sol traspasa las cortinas finas.

Het zonlicht gaat door de dunne gordijnen.

El frío me traspasa los huesos.

De kou doorboort mijn botten.

La flecha traspasó la manzana de lado a lado.

De pijl doorboorde de appel van de ene naar de andere kant.

Traspasar vs. Pasar

Hoewel 'pasar' (passeren) betekent, impliceert 'traspasar' altijd het gaan VAN de ene kant NAAR de andere, zoals een naald door stof.

Denken dat het alleen voor geweld is

Fout:Het alleen gebruiken voor steken of verwonden.

Correctie: Het wordt ook heel vaak gebruikt voor licht (luz) of vloeistoffen (líquidos) die door materialen gaan.

Atravesar vs. Traspasar

Let op het verschil tussen 'atravesar' en 'traspasar'. 'Atravesar' impliceert vaak het overbruggen van een grotere afstand of een obstakel, terwijl 'traspasar' meer slaat op het letterlijk ergens doorheen gaan, zoals licht door glas.

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.