Inklingo

Hoe zeg je "merk" in het Spaans

Het meest gebruikte Spaanse woord voormerkis marcagebruik 'marca' als je het hebt over een commercieel merk, een productidentiteit of een bedrijfsnaam die consumenten herkennen..

Dutch → Spaans

marca

MAR-cah/ˈmaɾka/

substantivoA1algemeen
Gebruik 'marca' als je het hebt over een commercieel merk, een productidentiteit of een bedrijfsnaam die consumenten herkennen.
Een glanzende rode appel met een eenvoudig, gestileerd bladsymbool duidelijk op de zijkant gestempeld, wat een bedrijfsmerklogo voorstelt.

Voorbeelden

¿Qué marca de teléfono usas?

Welk merk telefoon gebruik je?

Esta marca es famosa por su calidad.

Dit merk staat bekend om zijn kwaliteit.

Geslachtcontrole

Onthoud dat 'marca' altijd vrouwelijk is, dus je moet 'la marca' of 'una marca' gebruiken. In het Nederlands is 'merk' onzijdig (het merk), wat een verschil is met het Spaans.

firma

FEER-mah/ˈfiɾma/

substantivoB1formeel, zakelijk
Gebruik 'firma' voor de naam van een bedrijf, vooral een professioneel dienstverlenend bedrijf zoals een advocatenkantoor of accountantskantoor.
Een hoge, moderne, gestileerde wolkenkrabber die een groot bedrijf vertegenwoordigt, tegen een helderblauwe hemel.

Voorbeelden

Trabaja para una firma de abogados muy prestigiosa.

Zij werkt voor een zeer prestigieus advocatenkantoor.

Nuestra firma exporta productos a toda Europa.

Ons bedrijf exporteert producten naar heel Europa.

Esta es una firma de ropa de alta calidad.

Dit is een kledingmerk van hoge kwaliteit.

Zakelijke Terminologie

In zakelijke contexten klinkt 'firma' vaak formeler of gespecialiseerder dan 'empresa' (bedrijf) of 'negocio' (zaak). In het Nederlands is 'firma' ook een formeel woord voor een bedrijf, vaak gebruikt in de naam (bv. 'Firma Jansen').

enseña

substantivoB2algemeen, formeel
Gebruik 'enseña' voor een symbool, logo of banier dat een instelling, stad of organisatie vertegenwoordigt, vergelijkbaar met een uithangbord of vlag.

Voorbeelden

La enseña de la ciudad ondeaba sobre el ayuntamiento.

De vlag van de stad wapperde boven het stadhuis.

signo

/síng-no//ˈsiɣno/

substantivoA2algemeen
Gebruik 'signo' voor een teken, symbool of indicatie, zoals een wiskundig teken of een gebaar.
Een rood driehoekig verkeersbord met een eenvoudig zwart uitroepteken symbool in het midden, wat waarschuwing aangeeft.

Voorbeelden

Siempre olvido dónde va el signo de interrogación.

Ik vergeet altijd waar het vraagteken moet staan.

El signo de suma es un más (+).

Het plusteken is een plus (+).

Necesitas añadir un signo de exclamación al final de esa frase.

Je moet een uitroepteken aan het einde van die zin toevoegen.

Geslachtcontrole

Onthoud dat 'signo' een mannelijk zelfstandig naamwoord is, dus je gebruikt altijd 'el signo' of 'un signo'. In het Nederlands is 'het teken' onzijdig, wat een verschil is om op te letten.

Merk vs. Bedrijfsnaam

De meest gemaakte fout is het verwarren van 'marca' (productmerk) met 'firma' (bedrijfsnaam, vooral professioneel). Gebruik 'marca' voor consumentenproducten en 'firma' voor de naam van een kantoor of dienstverlener.

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.