Hoe zeg je "bedrijf" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “bedrijf” is “empresa” — gebruik 'empresa' voor een algemene commerciële organisatie, vooral als het gaat om een grotere of meer formele entiteit zoals een software- of technologiebedrijf..
empresa
em-PREH-sah/emˈpɾesa/

Voorbeelden
Trabajo para una empresa de software muy grande.
Ik werk voor een heel groot softwarebedrijf.
Queremos fundar nuestra propia empresa el próximo año.
We willen volgend jaar ons eigen bedrijf starten.
El presidente de la empresa dio un discurso sobre las ventas.
De voorzitter van het bedrijf gaf een toespraak over de verkoop.
Altijd Vrouwelijk
Onthoud dat 'empresa' altijd een vrouwelijk woord is, dus je moet vrouwelijke lidwoorden en bijvoeglijke naamwoorden gebruiken (bijv. 'la empresa', 'una empresa pequeña'). Dit is anders dan in het Nederlands, waar 'het bedrijf' mannelijk/onzijdig is.
Genderfout
Fout: “El empresa es grande.”
Correctie: La empresa es grande. (Denk eraan dat de uitgang '-a' in Spaanse zelfstandige naamwoorden vaak wijst op het vrouwelijk geslacht.)
negocio
/neh-GO-syo//neˈɣo.sjo/

Voorbeelden
Mi tío tiene un negocio de zapatos en el centro.
Mijn oom heeft een schoenenbedrijf in het centrum.
Abrir un negocio propio es mi sueño.
Een eigen bedrijf starten is mijn droom.
El negocio de la esquina vende frutas frescas.
De winkel op de hoek verkoopt vers fruit.
Altijd Mannelijk
Hoewel het eindigt op 'o', is het goed om te onthouden dat 'negocio' altijd een mannelijk woord is. Je zegt dus altijd 'el negocio' (het bedrijf) of 'un negocio' (een bedrijf).
'Negocio' versus 'Empresa'
Fout: “Quiero trabajar en un negocio grande.”
Correctie: Quiero trabajar en una empresa grande. 'Negocio' is erg algemeen en suggereert vaak een kleinere winkel of operatie. Voor een groot bedrijf of corporatie is 'empresa' een betere keuze.
compañía
Voorbeelden
Mi hermano trabaja en una compañía de tecnología.
Mijn broer werkt bij een technologiebedrijf.
firma
FEER-mah/ˈfiɾma/

Voorbeelden
Trabaja para una firma de abogados muy prestigiosa.
Zij werkt voor een zeer prestigieus advocatenkantoor.
Nuestra firma exporta productos a toda Europa.
Ons bedrijf exporteert producten naar heel Europa.
Esta es una firma de ropa de alta calidad.
Dit is een kledingmerk van hoge kwaliteit.
Zakelijke Terminologie
In zakelijke contexten klinkt 'firma' vaak formeler of gespecialiseerder dan 'empresa' (bedrijf) of 'negocio' (zaak). In het Nederlands is 'firma' ook een formeel woord voor een bedrijf, vaak gebruikt in de naam (bv. 'Firma Jansen').
organización
Voorbeelden
Ella trabaja para una organización no gubernamental.
Zij werkt voor een niet-gouvernementele organisatie (NGO).
sociedad
soh-see-eh-DAHD/so.sjeˈðað/

Voorbeelden
Crearon una sociedad limitada para reducir riesgos.
Zij hebben een besloten vennootschap (BV) opgericht om risico's te beperken.
Necesitas registrar la sociedad con el gobierno.
U moet het bedrijf bij de overheid registreren.
Zakelijke Afkortingen
Je zult vaak 'S.A.' (Sociedad Anónima) of 'S.L.' (Sociedad Limitada) na een bedrijfsnaam zien, wat het type juridische bedrijfsstructuur aangeeft. Dit komt overeen met onze Nederlandse afkortingen zoals NV of BV.
De meest gemaakte fout: 'empresa' vs. 'negocio'
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.



