Inklingo

Hoe zeg je "score" in het Spaans

Het meest gebruikte Spaanse woord voorscoreis golgebruik dit woord als je het hebt over een doelpunt in sporten zoals voetbal.

gol🔊A1

Gebruik dit woord als je het hebt over een doelpunt in sporten zoals voetbal.

Meer leren →
nota🔊A1

Gebruik dit woord voor het cijfer dat je krijgt voor een schoolopdracht of examen.

Meer leren →
puntuaciónA2

Dit woord gebruik je voor het totaal aantal punten dat in een spel of test is behaald, inclusief videogames.

Meer leren →
resultado🔊A2

Gebruik dit woord om de uitslag van een wedstrijd, spel of andere gebeurtenis aan te duiden.

Meer leren →
marcador🔊A2

Dit verwijst naar het scorebord waarop de stand van een wedstrijd wordt bijgehouden.

Meer leren →
calificaciónA2

Vergelijkbaar met 'nota', maar kan ook gebruikt worden voor een algemene beoordeling of kwalificatie.

Meer leren →
anotaciónB1

Dit woord wordt gebruikt voor een specifieke score of bijdrage die leidt tot punten, vaak in sportwedstrijden.

Meer leren →
marca🔊B1

Gebruik dit woord als je het hebt over een record of een prestatie die als maatstaf dient.

Meer leren →
tantos🔊B2

Dit meervoud woord wordt gebruikt om individuele punten of doelpunten aan te duiden, vooral in sportcontexten met een specifieke telling.

Meer leren →
Dutch → Spaans

gol

gohlɡol

nounA1informal
Gebruik dit woord als je het hebt over een doelpunt in sporten zoals voetbal.
Een zwart-witte voetbal die het net van een wit doel raakt op een groen grasveld.

Voorbeelden

¡Qué gran gol de Messi!

Wat een geweldig doelpunt van Messi!

El partido terminó con un gol a cero.

De wedstrijd eindigde één tegen nul (één-nul).

Necesitamos marcar un gol para ganar.

We moeten scoren om te winnen.

Woordgeslacht

Dit is een mannelijk woord, dus je gebruikt 'el' (de) of 'un' (een). Bijvoorbeeld: 'el gol'. In het Nederlands is 'doelpunt' onzijdig ('het'), maar in het Spaans is 'gol' mannelijk.

Het verkeerde werkwoord gebruiken

Fout:hacer un gol

Correctie: meter un gol of marcar un gol

nota

NOH-tahˈno.ta

nounA1
Gebruik dit woord voor het cijfer dat je krijgt voor een schoolopdracht of examen.
Een heldere gouden stersticker prominent geplaatst op een vel schoolpapier, wat een hoog academisch cijfer symboliseert.

Voorbeelden

Mi hermana sacó la nota más alta de la clase.

Mijn zus haalde het hoogste cijfer van de klas.

¿Qué nota necesitas para aprobar el curso?

Welk cijfer heb je nodig om de cursus te halen?

Gebruik van 'Sacar'

Om te praten over het behalen van een cijfer, gebruikt het Spaans vaak het werkwoord 'sacar' (letterlijk: 'eruit halen'), wat functioneel vertaald kan worden als 'halen' of 'krijgen' van een score.

puntuación

nounA2
Dit woord gebruik je voor het totaal aantal punten dat in een spel of test is behaald, inclusief videogames.

Voorbeelden

Mi puntuación en el videojuego fue la más alta de hoy.

Mijn score in het videospel was de hoogste vandaag.

resultado

reh-soo-TAH-dohresuɫˈt̪aðo

nounA2
Gebruik dit woord om de uitslag van een wedstrijd, spel of andere gebeurtenis aan te duiden.
Een kleine, bruine terracotta pot op een lichte ondergrond. Eén zeer grote, levendige rode bloem met groene bladeren is succesvol uit de pot gebloeid, wat een positieve uitkomst symboliseert.

Voorbeelden

¿Cuál fue el resultado del partido anoche?

Wat was de uitslag van de wedstrijd gisteravond?

Necesitamos un resultado más positivo para la reunión.

We hebben een positievere uitkomst nodig voor de vergadering.

Los científicos publicaron los resultados de su experimento.

De wetenschappers publiceerden de resultaten van hun experiment.

Mannelijk Geslacht

Aangezien 'resultado' eindigt op '-o', is het een mannelijk zelfstandig naamwoord. Gebruik altijd 'el' of 'un' ervoor, zoals 'El resultado es claro' (Het resultaat is duidelijk).

Gebruik van 'la' in plaats van 'el'

Fout:La resultado fue sorprendente.

Correctie: El resultado fue sorprendente. (Onthoud het patroon: de meeste zelfstandige naamwoorden die op -o eindigen, zijn mannelijk.)

marcador

mahr-kah-DOHRmaɾkaˈðoɾ

nounA2
Dit verwijst naar het scorebord waarop de stand van een wedstrijd wordt bijgehouden.
Een groot elektronisch scorebord in een stadion met verschillende gekleurde lampjes.

Voorbeelden

Mira el marcador, ¡vamos ganando!

Kijk naar het scorebord, we staan voor!

El marcador final fue de dos a cero.

De einduitslag was twee-nul.

El estadio tiene un marcador electrónico gigante.

Het stadion heeft een gigantisch elektronisch scorebord.

Twee betekenissen, één woord

Het Spaans gebruikt 'marcador' zowel voor het daadwerkelijke bord waar je naar kijkt als voor de punten zelf. Het Nederlands gebruikt soms 'scorebord' vs. 'score'.

Score vs. Scorer

Fout:Él es el marcador del equipo.

Correctie: Él es el goleador (bij voetbal) of el que anotó. 'Marcador' is het bord of de telling, niet meestal de persoon die scoort.

calificación

nounA2
Vergelijkbaar met 'nota', maar kan ook gebruikt worden voor een algemene beoordeling of kwalificatie.

Voorbeelden

Recibí una buena calificación en mi examen de matemáticas.

Ik heb een goed cijfer gehaald voor mijn wiskundetoets.

anotación

nounB1
Dit woord wordt gebruikt voor een specifieke score of bijdrage die leidt tot punten, vaak in sportwedstrijden.

Voorbeelden

Esa última anotación nos dio la victoria.

Die laatste score gaf ons de overwinning.

marca

MAR-cahˈmaɾka

nounB1
Gebruik dit woord als je het hebt over een record of een prestatie die als maatstaf dient.
Een vrolijke hardloper die een finishlint doorkruist dat dramatisch knapt, wat duidt op een succesvolle voltooiing en een nieuw record.

Voorbeelden

El nadador rompió la marca nacional.

De zwemmer brak het nationale record.

Su mejor marca personal es de 10.5 segundos.

Zijn persoonlijke beste tijd is 10,5 seconden.

Werkwoordcombinatie

Om te praten over het vestigen of behalen van een record, gebruik je het werkwoord 'establecer' (vaststellen). Om een record te verbreken, gebruik je 'romper' (breken) of 'superar' (overtreffen).

tantos

TAHN-tohsˈtan.tos

nounB2formal
Dit meervoud woord wordt gebruikt om individuele punten of doelpunten aan te duiden, vooral in sportcontexten met een specifieke telling.
Een eenvoudig cartoon scorebord dat twee kanten laat zien die strijden. Eén kant is gemarkeerd met vijf grote kleurrijke sterren, en de tegenpartij is gemarkeerd met drie grote kleurrijke sterren, wat de score visueel voorstelt.

Voorbeelden

El equipo local lleva tres tantos a cero.

Het thuisteam leidt met drie punten tegen nul.

Faltan cinco minutos y necesitamos más tantos para empatar.

Er zijn nog vijf minuten en we hebben meer punten nodig om gelijk te komen.

Specifieke Context

Wanneer gebruikt als zelfstandig naamwoord, betekent 'tantos' meestal 'punten' of 'doelpunten' in een spel. Het is altijd mannelijk en meervoudig in deze zin.

Te veel Gebruik van de Zelfstandige Naamwoord Vorm

Fout:Tengo muchos tantos para hacer hoy. (Betekenis: Ik heb veel taken te doen vandaag.)

Correctie: Tengo muchas cosas que hacer hoy. (Gebruik 'tantos' alleen voor scores, niet voor algemene 'dingen' of 'taken'.)

Verwarring tussen 'nota'/'calificación' en sporttermen

De meest gemaakte fout is het verwarren van de Spaanse woorden voor schoolcijfers ('nota', 'calificación') met de woorden voor sportscores ('gol', 'puntuación', 'anotación'). Onthoud dat 'nota' en 'calificación' specifiek voor academische prestaties zijn, terwijl de andere termen in een sport- of spelcontext worden gebruikt.

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.