Inklingo

Hoe zeg je "bus" in het Spaans

Het meest gebruikte Spaanse woord voorbusis autobúsgebruik dit woord voor het openbaar vervoer, met name stadsbussen en langeafstandsvervoer..

Dutch → Spaans

autobús

zelfstandig naamwoordA1neutraal
Gebruik dit woord voor het openbaar vervoer, met name stadsbussen en langeafstandsvervoer.

Voorbeelden

¿A qué hora pasa el próximo autobús?

Hoe laat komt de volgende bus?

bus

/boos//bus/

zelfstandig naamwoordA1informeel
Dit is een informele, maar veelgebruikte vertaling voor het openbaar vervoer, vergelijkbaar met 'bus' in het Nederlands.
Een grote, felgekleurde geel-rode passagiersbus afgebeeld in een eenvoudige, sprookjesachtige illustratiestijl.

Voorbeelden

Tengo que tomar el bus para ir al trabajo.

Ik moet de bus nemen om naar mijn werk te gaan.

¿Sabes dónde está la parada de bus más cercana?

Weet jij waar de dichtstbijzijnde bushalte is?

El bus de las diez se retrasó por el tráfico.

De bus van tien uur had vertraging vanwege het verkeer.

Geslacht en Lidwoorden

Aangezien 'bus' een mannelijk/onzijdig zelfstandig naamwoord is (vaak als 'de' gebruikt in het Nederlands, maar Spaans gebruikt 'el'), gebruik je altijd de mannelijke lidwoorden: 'el bus' (de bus) of 'un bus' (een bus).

Verwarring tussen 'bus' en 'autobús'

Fout:Het gebruik van 'autobús' in zeer informele, snelle spraak, terwijl 'bus' of 'micro' natuurlijker kan klinken.

Correctie: 'Bus' is een zeer gebruikelijke, korte afkorting voor 'autobús' in veel regio's, vooral Spanje en Midden-Amerika.

camión

zelfstandig naamwoordA2neutraal
Gebruik dit woord voor openbaar personenvervoer, vooral in Latijns-Amerika waar het vaak wordt gebruikt voor bussen.

Voorbeelden

Tengo que tomar el camión para ir al centro.

Ik moet de bus nemen om naar het centrum te gaan.

bote

BOH-tay/ˈbo.te/

zelfstandig naamwoordA1neutraal
Dit woord betekent 'pot' of 'container' en heeft niets te maken met openbaar vervoer.
Een doorzichtige glazen pot die stevig is afgesloten en gevuld is met helderrode aardbeienjam, staand op een houten oppervlak.

Voorbeelden

Necesito un bote de miel para hacer el postre.

Ik heb een pot honing nodig om het dessert te maken.

Tira ese bote de plástico a la basura.

Gooi die plastic houder bij het vuilnis.

Mannelijk Zelfstandig Naamwoord

Onthoud dat 'bote' altijd mannelijk is, dus gebruik 'el bote' of 'un bote'. In het Nederlands is 'pot' onzijdig (het potje) of mannelijk (de pot), maar in het Spaans is het altijd mannelijk.

jack

/yak//'ʝak/

zelfstandig naamwoordB2neutraal
Dit verwijst naar een aansluiting (zoals voor koptelefoons) en niet naar een voertuig.
Een close-up van een standaard zilveren audiostekker naast de zwarte ronde aansluiting op een elektronisch apparaat.

Voorbeelden

Conecta los auriculares en el jack de 3.5 milímetros.

Steek de koptelefoon in de 3,5 millimeter aansluiting.

El amplificador tiene un jack de entrada y uno de salida.

De versterker heeft een ingangsaansluiting en een uitgangsaansluiting.

hembra

EM-brah (like 'em' in 'ember' followed by 'brah')/ˈem.bɾa/

zelfstandig naamwoordC1technisch
Dit betekent het vrouwelijke of ontvangende deel van een verbinding (zoals een bus in een stekker) en heeft geen betrekking op vervoer.
Een close-up van een eenvoudige, cilindrische metalen busopening, ontworpen om een corresponderende stekker of pin te ontvangen.

Voorbeelden

Necesitas alinear el macho con la hembra para cerrar la cerradura.

Je moet het mannelijke deel op één lijn brengen met het vrouwelijke deel (bus) om het slot te sluiten.

La conexión tiene una cabeza macho y una hembra.

De verbinding heeft een mannelijke kop en een vrouwelijke kop (bus).

Technische Geslachtsanalyse

In technisch Spaans wordt 'hembra' (vrouwelijk) gebruikt voor het deel dat iets ontvangt of bevat, terwijl 'macho' (mannelijk) het deel is dat wordt ingebracht of verbonden. Dit is vergelijkbaar met de Nederlandse termen 'stekker' en 'bus' of 'hol' en 'pen'.

Verwarring tussen 'autobús', 'bus' en 'camión'

De meest gemaakte fout is het verkeerd gebruiken van 'autobús', 'bus' en 'camión'. 'Autobús' is de meest formele en algemene term. 'Bus' is informeler en wordt veel gebruikt. 'Camión' wordt in sommige Spaanstalige landen ook voor bussen gebruikt, maar betekent in Spanje zelf primair 'vrachtwagen'. Let dus goed op de regio en de context.

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.