Inklingo

Hoe zeg je "dicteren" in het Spaans

Het meest gebruikte Spaanse woord voordicterenis dictargebruik 'dictar' als je bedoelt dat iemand iets hardop zegt met de bedoeling dat een ander het opschrijft, zoals een leraar die de lesstof dicteert.

Dutch → Spaans

dictar

deek-TARdikˈtaɾ

verbA2neutraal
Gebruik 'dictar' als je bedoelt dat iemand iets hardop zegt met de bedoeling dat een ander het opschrijft, zoals een leraar die de lesstof dicteert.
Een persoon die duidelijk spreekt terwijl een ander persoon aantekeningen maakt op een notitieblok met een pen.

Voorbeelden

El profesor dicta las notas a la clase.

De leraar dicteert de aantekeningen aan de klas.

Por favor, dítame tu número de teléfono.

Wil je me alsjeblieft je telefoonnummer dicteren?

Es difícil escribir si dictas tan rápido.

Het is moeilijk om te schrijven als je zo snel dicteert.

Gebruik van 'le' en 'me' met dictar

Wanneer je iets dicteert aan iemand, is die persoon het 'indirect object'. Je gebruikt 'le' of 'me' om aan te geven aan wie je iets dicteert (bijv. 'Le dicté la clave' betekent 'Ik dicteerde de code aan hem'). In het Nederlands gebruiken we vaak 'aan hem' of 'aan mij' in plaats van een indirect object voornaamwoord zoals in het Spaans.

Verwarring tussen lezen en dicteren

Fout:El profesor lee la tarea.

Correctie: El profesor dicta la tarea.

determinar

day-ter-mee-NARde.teɾ.miˈnaɾ

verbC1neutraal
Gebruik 'determinar' wanneer 'dicteren' betekent dat iets de oorzaak of de bepalende factor is voor iets anders, vergelijkbaar met 'bepalen' of 'vaststellen'.
Een kleurrijke knikker rolt van een helling en duwt zachtjes de eerste dominosteen aan, wat een kettingreactie in gang zet, wat causaliteit symboliseert.

Voorbeelden

La geografía del país determina su clima y agricultura.

De geografie van het land bepaalt (of dicteert) het klimaat en de landbouw.

La oferta y la demanda determinan el precio final.

Vraag en aanbod bepalen de uiteindelijke prijs.

imponer

eem-poh-NEHRim.poˈner

verbB1neutraal
Gebruik 'imponer' als 'dicteren' betekent dat iets verplicht wordt gesteld of opgelegd, vaak door een autoriteit, zoals een nieuwe wet of belasting.
Een strenge ambtenaar die een zwaar, officieel zegel op een stapel papieren drukt om het opleggen van een regel weer te geven.

Voorbeelden

El gobierno quiere imponer un nuevo impuesto al tabaco.

De regering wil een nieuwe tabaksaccijns opleggen.

No intentes imponer tus ideas a los demás.

Probeer je ideeën niet aan anderen op te dringen.

El director impuso una disciplina muy estricta.

De directeur legde een zeer strenge discipline op.

Denk aan 'Poner'

Dit woord werkt precies zoals 'poner' (leggen/plaatsen). Als je 'poner' kent, voeg je gewoon 'im-' toe aan het begin voor alle vormen!

Onregelmatig voltooid deelwoord

De 'gedaan'-vorm is 'impuesto', niet 'imponido'. Dit komt omdat 'poner' 'puesto' wordt.

Verkeerde verleden tijd gebruiken

Fout:Él imponió un castigo.

Correctie: Él impuso un castigo. (Omdat het het onregelmatige patroon van 'poner' volgt).

mandar

mahn-DAHRmanˈdaɾ

verbB1neutraal
Gebruik 'mandar' als 'dicteren' de betekenis heeft van een bevel geven of opdragen iets te doen, vergelijkbaar met 'bevelen'.
Een cartoonfiguur in een eenvoudig uniform die strak rechtop staat en met één arm recht vooruit wijst, wat het geven van een bevel symboliseert.

Voorbeelden

El capitán mandó a sus hombres que se retiraran.

De kapitein beval zijn mannen zich terug te trekken.

Mi jefe me mandó terminar el informe antes de las cinco.

Mijn baas droeg mij op het rapport voor vijf uur af te maken.

Mandaron construir un nuevo puente sobre el río.

Ze bevalen de bouw van een nieuwe brug over de rivier.

De 'Que' Koppeling

Wanneer je 'mandar' gebruikt om iemand anders iets te laten doen, verbind je de twee zinsdelen meestal met 'que' en gebruik je de speciale vorm van het tweede werkwoord (de aanvoegende wijs/subjuntivo): 'Mandó que saliéramos' (Hij beval ons te vertrekken). Dit is anders dan in het Nederlands, waar we vaak 'om te' gebruiken.

Het verkeerde voorzetsel gebruiken

Fout: 'mandar de hacer algo' gebruiken in plaats van 'mandar hacer algo' of 'mandar que...'

Correctie: De structuur is vaak gewoon 'mandar' + de actie, of 'mandar a alguien que...' (iemand bevelen dat...).

Veelgemaakte fout: 'dictar' vs. 'determinar'

Beginners verwarren vaak 'dictar' (hardop spreken om op te schrijven) met 'determinar' (bepalen, vaststellen). Denk eraan: als jij de leraar bent die dicteert, gebruik je 'dictar'. Als de geografie het klimaat dicteert, gebruik je 'determinar'.

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.