Inklingo

Hoe zeg je "kaartje" in het Spaans

Het meest gebruikte Spaanse woord voorkaartjeis boletogebruik 'boleto' voor een toegangsbewijs voor een evenement (concert, sportwedstrijd), een loterij of voor reizen (zoals een bus- of treinkaartje)..

Dutch → Spaans

boleto

/boh-LEH-toh//boˈle.to/

nounA1neutraal
Gebruik 'boleto' voor een toegangsbewijs voor een evenement (concert, sportwedstrijd), een loterij of voor reizen (zoals een bus- of treinkaartje).
Een kleurrijke illustratie die een enkele, eenvoudige rechthoekige papieren kaartje toont, duidelijk met een geperforeerde rand.

Voorbeelden

¿Tienes tu boleto para el concierto?

Heb je je kaartje voor het concert?

Compré un boleto de ida y vuelta para ir a la playa.

Ik kocht een retourtje om naar het strand te gaan.

El boleto ganador fue el número 457.

Het winnende lot was nummer 457.

Mannelijk Zelfstandig Naamwoord Regel

Onthoud dat 'boleto' altijd mannelijk is, dus je moet 'el' (de) of 'un' (een) gebruiken: 'El boleto es caro' (Het kaartje is duur). In het Nederlands is 'kaartje' onzijdig ('het'), wat een verschil is met het Spaans.

Verwarring tussen 'boleto' en 'billete'

Fout:Het gebruiken van 'boleto' als je het over papieren geld hebt in Spanje.

Correctie: In Spanje gebruik je 'billete' voor bankbiljetten. Gebruik 'boleto' voornamelijk voor kaartjes in Mexico en Centraal-Amerika, en soms voor vervoersbewijzen in Spanje, hoewel 'billete' daar ook heel gebruikelijk is.

billete

bee-YEH-teh/biˈʎe.te/

nounA2neutraal
Gebruik 'billete' specifiek voor een vervoersbewijs voor de bus, trein of het vliegtuig.
Een klein, rechthoekig wit reisticket met een eenvoudige gekleurde streep en een geperforeerde rand, wat wijst op een vervoersbewijs.

Voorbeelden

Necesito comprar un billete de tren a Madrid.

Ik moet een treinkaartje naar Madrid kopen.

Perdimos el avión porque no encontramos nuestros billetes.

We hebben het vliegtuig gemist omdat we onze kaartjes niet konden vinden.

Compré un billete de lotería con la esperanza de ganar.

Ik kocht een loterijticket in de hoop te winnen.

Reizen versus Evenementen

Gebruik 'billete' voornamelijk voor belangrijk vervoer (vliegtuigen, treinen). Voor concerten of films zeg je meestal 'entrada' of 'boleto' (vooral in Latijns-Amerika). In het Nederlands gebruiken we vaak 'kaartje' voor beide.

Gebruik van 'billete' voor een filmticket

Fout:Compré dos billetes para la película.

Correctie: Compré dos entradas/boletos para la película. ('Billete' klinkt te formeel voor een snel evenemententicket.)

entrada

en-TRAH-dah/enˈtɾaða/

nounA2neutraal
Gebruik 'entrada' uitsluitend voor een toegangsbewijs voor een cultureel evenement, zoals een film, theatervoorstelling of concert.
Een enkel, helderrood rechthoekig evenementenkaartje met een geperforeerde rand, vastgehouden door de duim en wijsvinger van een persoon.

Voorbeelden

¿Tienes ya tus entradas para el cine?

Heb je al je kaartjes voor de bioscoop?

La entrada al parque cuesta diez euros.

De toegang tot het park kost tien euro.

pasaje

pah-SAH-heh/paˈsa.xe/

nounA2neutraal
Gebruik 'pasaje' voor een ticket voor een reis, met name voor langere afstanden zoals met de bus, trein of het vliegtuig, vaak met de nadruk op de reisroute.
Een kleurrijk, licht gescheurd papieren kaartje dat een betaald vervoersbewijs voor reizen aangeeft.

Voorbeelden

Necesito comprar un pasaje de ida y vuelta a la costa.

Ik moet een retourtje naar de kust kopen.

El pasaje de metro es más caro ahora.

Het metrotarief is nu duurder.

Gebruik van 'Pasaje' voor Evenementen

Fout:Compré un pasaje para el concierto.

Correctie: Compré una entrada/un boleto para el concierto. ('Pasaje' is gereserveerd voor vervoer.)

pase

/PAH-seh//ˈpa.se/

nounA2neutraal
Gebruik 'pase' voor een instapkaart of een toegangspas die je nodig hebt om ergens binnen te komen of aan boord te gaan.
Een kleurrijke rechthoekige toegangspas of kaartje dat toegang geeft tot een evenement of locatie.

Voorbeelden

Necesito mi pase de abordar para subir al avión.

Ik heb mijn instapkaart nodig om in het vliegtuig te stappen.

Compramos un pase de tres días para el parque de diversiones.

We kochten een pas voor drie dagen voor het pretpark.

El jugador de fútbol dio un pase perfecto a su compañero.

De voetballer gaf een perfecte pass naar zijn teamgenoot.

Verwarring tussen `pase` en `paseo`

Fout:Quiero comprar un paseo para el concierto.

Correctie: Quiero comprar un pase para el concierto. 'Pase' is het kaartje of de vergunning zelf. 'Paseo' is de activiteit van wandelen of een uitstapje maken.

Reis- of evenementkaartje?

De grootste verwarring ontstaat vaak tussen 'boleto', 'billete' en 'entrada'. Onthoud dat 'entrada' echt alleen voor culturele evenementen is, terwijl 'billete' en 'boleto' beide voor reizen kunnen, maar 'boleto' ook breder inzetbaar is voor andere evenementen.

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.