pleno
“pleno” betekent “vol” in het Spaans. Het heeft 4 verschillende betekenissen, afhankelijk van de context:
vol
Ook: compleet, totaal
📝 In Actie
Tengo plena confianza en tu capacidad.
B1Ik heb vol vertrouwen in je capaciteiten.
Fue un éxito pleno para todo el equipo.
B1Het was een totaal succes voor het hele team.
midden in
Ook: op het hoogtepunt van
📝 In Actie
El coche se rompió en pleno centro de la ciudad.
B2De auto ging stuk midden in het stadscentrum.
Estábamos durmiendo en pleno día.
B2We lagen midden op de dag te slapen.
Sucedió en pleno invierno.
B2Het gebeurde midden in de winter.
volledige zitting
Ook: vergadering
📝 In Actie
El pleno del ayuntamiento se reunirá mañana.
B2De volledige gemeenteraadsvergadering komt morgen bijeen.
strike
Ook: clean sweep
📝 In Actie
Hizo un pleno en los bolos.
C1Hij gooide een strike met bowlen.
¡Pleno! Acerté todas las preguntas del examen.
C1Perfect! Ik had alle vragen op het examen goed.
Vertaal naar het Spaans
Woorden die vertaald worden als "pleno" in het Spaans:
clean sweep→compleet→midden in→strike→totaal→vergadering→vol→volledige zitting→✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: pleno
Vraag 1 van 2
Welke zin zou je gebruiken om te zeggen dat het midden op de dag is?
📚 Meer bronnen
👥 Woordfamilie▼
📚 Etymologie▼
Van het Latijnse woord 'plenus', wat 'vol' of 'verstopt' betekent.
Eerste vermelding: 13th century
Cognaten (Verwante woorden)
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
Veelgestelde Vragen
Wat is het verschil tussen 'lleno' en 'pleno'?
'Lleno' is meestal fysiek (een vol glas water), terwijl 'pleno' meestal abstract of benadrukkend is (vol vertrouwen, midden in de straat). Voor een Nederlander is het verschil vergelijkbaar met 'vol' (fysiek) versus 'volledig/helemaal' (abstract/intensief).
Komt 'pleno' altijd vóór het zelfstandig naamwoord?
Niet altijd, maar in de uitdrukking 'en pleno [zelfstandig naamwoord]' (wat 'in het midden van' betekent), komt het altijd vóór het zelfstandig naamwoord.



