Inklingo

Hoe zeg je "vlek" in het Spaans

Het meest gebruikte Spaanse woord voorvlekis manchagebruik 'mancha' voor een zichtbare afdruk of veeg die achterblijft door vloeistof, vuil of iets anders dat op een oppervlak is gekomen..

Dutch → Spaans

mancha

MAHN-chah/ˈmanʧa/

zelfstandig naamwoordA1algemeen
Gebruik 'mancha' voor een zichtbare afdruk of veeg die achterblijft door vloeistof, vuil of iets anders dat op een oppervlak is gekomen.
Een grote, donkerrode vlek die in een helderwit doek trekt, wat duidelijk een plek achtergelaten door vloeistof illustreert.

Voorbeelden

Hay una mancha de café en mi camisa.

Er zit een koffievlek op mijn overhemd.

Necesito quitar esta mancha de vino de la alfombra.

Ik moet deze wijnvlek uit het tapijt krijgen.

Mi camisa blanca tiene una mancha de grasa.

Mijn witte overhemd heeft een vetvlek.

Mi perro siempre mancha el suelo cuando come.

Mijn hond vlekt altijd de vloer als hij eet.

Geslacht Herinnering

Hoewel 'mancha' eindigt op '-a', onthoud dat Spaanse zelfstandige naamwoorden mannelijk of vrouwelijk zijn. 'Mancha' is altijd vrouwelijk, dus je moet 'la mancha' of 'una mancha' gebruiken. Dit is anders dan in het Nederlands, waar de meeste zelfstandige naamwoorden het lidwoord 'de' hebben, tenzij ze een 'het'-woord zijn.

Het Werkwoord Identificeren

Wanneer 'mancha' als werkwoord wordt gebruikt, betekent het 'hij/zij/het vlekt' (tegenwoordige tijd) of het is het informele bevel om iets te 'vlekken'. De context is cruciaal om het te onderscheiden van het zelfstandig naamwoord. Let op: in het Nederlands is de 3e persoon enkelvoud van 'vlekken' ook 'vlekt', net als de 3e persoon enkelvoud van 'manchar'.

grano

GRAH-noh/ˈɡɾano/

zelfstandig naamwoordA2algemeen
Gebruik 'grano' specifiek voor een puistje of mee-eter op de huid.

Voorbeelden

Me ha salido un grano en la nariz.

Ik heb een puistje op mijn neus gekregen.

No te toques el grano, empeorará.

Raak het puistje niet aan, het wordt erger.

A mi hermano le salieron muchos granos en la frente.

Mijn broer kreeg veel puistjes op zijn voorhoofd.

Niet verwarren met 'mancha'

Fout:Het gebruik van 'mancha' om een puistje aan te duiden.

Correctie: 'Mancha' betekent vlek of verkleuring (zoals een koffievlek). Gebruik 'grano' of 'puistje' voor een verheven oneffenheid.

marca

MAR-cah/ˈmaɾka/

zelfstandig naamwoordA2algemeen
Gebruik 'marca' voor een blijvende afdruk of spoor, zoals een litteken, een deuk of een veeg die door druk is ontstaan.
Een diepe, duidelijke voetafdruk gedrukt in glad, vochtig strandzand.

Voorbeelden

El niño dejó una marca de lápiz en la pared.

Het kind heeft een potloodstreep op de muur achtergelaten.

Hay una marca de zapato en el suelo.

Er is een schoenspoor op de vloer.

Su caída dejó una pequeña marca en la rodilla.

Zijn val liet een klein litteken achter op zijn knie.

Necesitas hacer una marca con lápiz antes de cortar.

Je moet eerst een streep zetten met een potlood voordat je gaat snijden.

tinta

/teen-tah//ˈtinta/

zelfstandig naamwoordB1algemeen
Gebruik 'tinta' wanneer de vlek veroorzaakt is door inkt, bijvoorbeeld van een pen of een stempel.
Een hand die een stuk witte stof in een kom met felrode vloeibare kleurstof dompelt.

Voorbeelden

Se me corrió la tinta del bolígrafo en el documento.

De inkt van de pen is uitgelopen op het document.

El peluquero me aplicó una tinta temporal para cambiar el tono de mi cabello.

De kapper bracht een tijdelijke kleurstof aan om de tint van mijn haar te veranderen.

La fábrica utiliza tintas vegetales para teñir las camisetas.

De fabriek gebruikt plantaardige kleurstoffen om de T-shirts te kleuren.

velo

/beh-loh//ˈbelo/

zelfstandig naamwoordB2algemeen
Gebruik 'velo' om een dunne, bedekkende laag te beschrijven, zoals mist, rook of een lichte waas.
Een lichte, paarsgetinte nevel die over een groene weide zweeft.

Voorbeelden

Un velo de polvo cubría los muebles antiguos.

Een laag stof bedekte de oude meubels.

Un velo de niebla cubría la montaña esta mañana.

Een waas van mist bedekte vanmorgen de berg.

Siento un velo en los ojos y no veo bien.

Ik voel een waas over mijn ogen en zie niet goed.

tara

/TAH-rah//ˈtaɾa/

zelfstandig naamwoordB1formeel
Gebruik 'tara' voor een defect of gebrek, vooral bij producten of goederen, wat gezien kan worden als een 'vlek' op de kwaliteit.
Een ongerepte, eenvoudige keramische kom die op een tafel staat en duidelijk een grote, zichtbare chip op de rand vertoont.

Voorbeelden

El producto tenía una tara en el embalaje.

Het product had een beschadiging aan de verpakking.

El coche fue devuelto por una tara de fábrica en el motor.

De auto werd teruggebracht vanwege een fabrieksgebrek in de motor.

No es mala persona, pero tiene una tara emocional que le impide confiar.

Hij is geen slecht persoon, maar hij heeft een emotionele fout (of blokkade) die hem verhindert te vertrouwen.

Revisaron la fruta en busca de cualquier tara antes de empacarla.

Ze controleerden het fruit op eventuele vlekken voordat ze het verpakten.

Geslachtcontrole

Onthoud dat 'tara' een vrouwelijk zelfstandig naamwoord is, dus je gebruikt altijd 'la tara' of 'una tara', ook al eindigt het op '-a' zoals veel vrouwelijke zelfstandige naamwoorden.

Verwarring met 'tarro'

Fout:Het gebruik van 'tarro' (pot/blik) wanneer je 'tara' (gebrek) bedoelt.

Correctie: Ze klinken vergelijkbaar, maar hebben totaal verschillende betekenissen. Onthoud dat 'tara' verband houdt met imperfectie.

Mancha vs. Marca

De meest voorkomende verwarring is tussen 'mancha' en 'marca'. 'Mancha' wordt gebruikt voor vlekken veroorzaakt door vuil of vloeistof, terwijl 'marca' meer verwijst naar een spoor of afdruk die door druk of contact is achtergelaten.

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.