Hoe zeg je "omgooien" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “omgooien” is “tirar” — gebruik 'tirar' als je het hebt over iets gooien, vaak met de hand, in plaats van iets omverwerpen of laten vallen.
tirar
tee-RAHRtiˈɾaɾ

Voorbeelden
El niño no paraba de tirar la pelota.
De jongen stopte niet met de bal te gooien.
Necesitas tirar esta caja vieja a la basura.
Je moet deze oude doos weggooien in de vuilnisbak.
El viento tiró el árbol durante la tormenta.
De wind gooide de boom om tijdens de storm.
Gebruik van 'Tirar' voor Afval
Wanneer je het hebt over iets weggooien, gebruik je vaak de constructie 'tirar a la basura' (gooien naar het vuilnis).
Gooien versus Laten Vallen
Fout: “Het gebruik van 'tirar' als je 'per ongeluk iets laat vallen' bedoelt.”
Correctie: Gebruik 'dejar caer' of 'se me cayó'. 'Tirar' impliceert een intentie.
tumbar
toom-BARtumˈbaɾ

Voorbeelden
El viento tumbó varios árboles en el parque.
De wind gooide verschillende bomen in het park om.
Ten cuidado o vas a tumbar el jarrón.
Pas op, anders gooi je de vaas omver.
El boxeador tumbó a su oponente en el primer asalto.
De bokser gooide zijn tegenstander in de eerste ronde neer.
Persoon toevoegen met 'a'
Als je een persoon omvergooit, moet je het woord 'a' voor hun naam of beschrijving plaatsen (bijv. 'Tumbé a Juan'). In het Nederlands gebruiken we dit niet zo expliciet, maar het is goed om te weten dat het Spaans hier een voorzetsel gebruikt.
Verwarring met 'Caer'
Fout: “La mesa tumbó.”
Correctie: La mesa se tumbó of Alguien tumbó la mesa. 'Caer' gebeurt vanzelf, maar 'tumbar' vereist meestal dat iemand of iets de actie veroorzaakt. In het Nederlands zeggen we 'De tafel viel om' (caer) of 'Iemand gooide de tafel om' (tumbar).
voltear
bohl-teh-AHRbol.teˈaɾ

Voorbeelden
Voltea la carne antes de que se queme.
Draai het vlees om voordat het verbrandt.
Tienes que voltear el colchón cada seis meses.
Je moet de matras elke zes maanden omdraaien.
Si volteas la almohada, estará más fría.
Als je het kussen omdraait, zal het koeler zijn.
El viento volteó las sombrillas de la playa.
De wind gooide de strandparasols om.
Gebruik voor dingen versus mensen
Als je 'voltear' voor een object gebruikt, draai je het meestal om. Als je het voor jezelf of je hoofd gebruikt, betekent het terugkijken.
Onderwerp versus lijdend voorwerp
Wanneer 'voltear' 'omgooien' betekent, is het onderwerp de kracht (zoals de wind) en het lijdend voorwerp is het ding dat viel.
Niet verwarren met 'volver'
Fout: “Voy a voltear a casa.”
Correctie: Voy a volver a casa. 'Voltear' betekent omdraaien of keren, 'volver' betekent terugkeren naar een plaats.
derribar
deh-rree-barderiˈβaɾ

Voorbeelden
Tuvieron que derribar el viejo muro para ampliar la calle.
Ze moesten de oude muur omgooien om de straat breder te maken.
El boxeador derribó a su oponente en el tercer asalto.
De bokser gooide zijn tegenstander in de derde ronde neer.
Gebruik van 'derribar' bij personen
Wanneer je dit woord gebruikt voor het neerhalen van een persoon, vergeet dan niet 'a' toe te voegen vóór de persoon, zoals: 'Derribó a su amigo'. Dit is vergelijkbaar met het Nederlandse gebruik van 'neerhalen' of 'velde' in sportcontexten.
Derribar vs. Tirar
Fout: “Het gebruik van 'tirar' om sloopwerk te betekenen.”
Correctie: Gebruik 'derribar' voor structuren of grote dingen die rechtop staan. 'Tirar' wordt meer gebruikt voor gooien of trekken (zoals 'iets weggooien').
derrumbar
deh-rroom-barderumˈbaɾ

Voorbeelden
Van a derrumbar el viejo cine para construir un parque.
Ze gaan de oude bioscoop neerhalen om er een park van te maken.
El terremoto derrumbó varias casas en el centro de la ciudad.
De aardbeving gooide verschillende huizen in het stadscentrum om.
Ten cuidado, no vayas a derrumbar esa pila de libros.
Pas op, gooi die stapel boeken niet om.
Wie haalt er neer?
Gebruik 'derrumbar' als iemand of iets (zoals een storm) iets anders neerhaalt. Als een gebouw uit zichzelf instort, moet je 'se' toevoegen aan het einde: 'derrumbarse'.
Regelmatig -AR Patroon
Dit werkwoord volgt het standaardpatroon voor werkwoorden die eindigen op -ar. Als je weet hoe je 'hablar' vervoegt, weet je ook hoe je dit werkwoord moet vervoegen!
Verwarring tussen 'vallen' en 'neerhalen'
Fout: “El edificio derrumbó ayer.”
Correctie: El edificio se derrumbó ayer. Gebruik 'derrumbar' alleen als iets invloed uitoefent op het gebouw. Als het uit zichzelf viel, gebruik dan de 'se'-vorm.
volcar
bohl-KAHRbolˈkaɾ

Voorbeelden
El fuerte viento volcó las sillas del jardín.
De harde wind kiepte de tuinstoelen om.
Ten cuidado, no vayas a volcar el vaso de agua.
Pas op, kapseis het glas water niet.
El camión volcó en medio de la carretera.
De vrachtwagen sloeg over de kop midden op de snelweg.
De 'stamklinkerwisseling' (o → ue)
Dit werkwoord is een 'stamklinkerwisselend' werkwoord, wat betekent dat de 'o' verandert in 'ue' in alle tegenwoordige tijden, behalve voor 'nosotros' en 'vosotros'.
Spellingwijziging in het Verleden Deelwoord
In de 'yo'-vorm van de verleden tijd (preterito), verandert de 'c' in 'qu' (volqué) om de harde 'K'-klank te behouden.
Vergeten van de stamklinkerwisseling
Fout: “Yo volco el vaso.”
Correctie: Yo vuelco el vaso. Vergeet niet dat de 'o' verandert in 'ue' als deze de klemtoon krijgt!
tumba
TOOM-bahˈtumba

Voorbeelden
El boxeador tumba a su oponente en el primer asalto.
De bokser stoot zijn tegenstander in de eerste ronde neer.
Si no lo sujetas bien, el viento tumba el cartel.
Als je het niet goed vasthoudt, stoot de wind het bord omver.
¡Tumba esa pared! Necesitamos más espacio.
Sla die muur omver! We hebben meer ruimte nodig. (Formele gebiedende wijs)
Het Werkwoord 'Tumbar'
Onthoud dat 'tumba' de tegenwoordige tijd is voor 'hij/zij/het' (él/ella) en het formele 'u' (usted). Het is ook de informele gebiedende wijs voor 'jij' (tú): ¡Tumba eso! (Gooi dat om!). Dit is anders dan in het Nederlands, waar de gebiedende wijs vaak de stam is ('Gooi!').
Veelvoorkomende verwarring
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.






