Hoe zeg je "klap" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “klap” is “golpe” — gebruik 'golpe' voor een algemene fysieke stoot of slag, bijvoorbeeld bij een val of een ongeluk..
golpe
/GOHL-peh//ˈɡolpe/

Voorbeelden
Recibió un fuerte golpe en la cabeza al caer.
Hij kreeg een zware klap op zijn hoofd toen hij viel.
Oímos un golpe en la puerta y fuimos a abrir.
We hoorden een klop op de deur en gingen openen.
La caja se cayó con un gran golpe.
De doos viel met een harde dreun/knal.
Mannelijk Zelfstandig Naamwoord Regel
Hoewel 'golpe' eindigt op 'e', is het altijd een mannelijk zelfstandig naamwoord. Dit betekent dat je 'el' of 'un' ervoor moet gebruiken (bv. el golpe, un golpe). In het Nederlands is dit vergelijkbaar met het gebruik van 'de' of 'een' bij mannelijke/vrouwelijke woorden, maar Spaans kent dit onderscheid strikter.
Verwarring met 'Golpear'
Fout: “Het gebruiken van 'golpear' (het werkwoord, slaan) in plaats van het zelfstandig naamwoord 'golpe' bij het beschrijven van de actie zelf, zoals 'el golpear' zeggen voor 'een klap'.”
Correctie: Gebruik het zelfstandig naamwoord: 'Fue un golpe muy fuerte.' (Het was een zeer zware klap.)
galleta
/gah-YEH-tah//ɡaˈʎeta/

Voorbeelden
Si no paras de molestar, te voy a dar una galleta.
Als je niet stopt met me te irriteren, geef ik je een klap.
El boxeador le soltó una galleta que lo dejó mareado.
De bokser deelde een stoot uit waardoor hij duizelig werd.
Se llevó una galleta con la puerta al entrar.
Hij kreeg een slag van de deur toen hij naar binnen ging.
torta
/TOR-tah//ˈtoɾta/

Voorbeelden
Le dio una torta en la cara por insultarla.
Hij gaf haar een klap in het gezicht omdat ze hem beledigde.
Si no te callas, te voy a dar una torta.
Als je niet zwijgt, geef ik je een mep.
puñetazo
Voorbeelden
El boxeador le dio un puñetazo muy fuerte.
De bokser gaf hem een hele harde stoot.
boom
/boom/ (like the English word)/bum/

Voorbeelden
Oímos un gran boom que venía de la calle.
We hoorden een grote knal van de straat komen.
El cohete hizo boom y desapareció en el cielo.
De raket maakte 'boom' en verdween in de lucht.
Klanknabootsende woorden
In het Spaans functioneren woorden die geluiden nabootsen (onomatopeeën) vaak als zelfstandige naamwoorden, of ze worden gekoppeld aan werkwoorden zoals 'hacer' (maken) om de actie te beschrijven.
leche
LEH-cheh/ˈletʃe/

Voorbeelden
El coche iba a toda leche por la autopista.
De auto reed echt heel hard (op volle snelheid) op de snelweg.
Me di una leche contra la pared y ahora me duele la cabeza.
Ik stootte me tegen de muur en nu doet mijn hoofd pijn.
¡Qué leche! ¡Se me ha olvidado el pasaporte!
Verdorie! Ik ben mijn paspoort vergeten!
Gebruik met Reflexieve Werkwoorden
Om uit te drukken dat je jezelf stoot, gebruik je vaak 'darse una leche' (zichzelf een klap geven). De 'se' (reflexief voornaamwoord) is hier cruciaal.
colapso
/ko-LAP-so//koˈlapso/

Voorbeelden
El atleta sufrió un colapso debido al calor.
De atleet bezweek door de hitte.
El colapso del edificio fue repentino.
De instorting van het gebouw was plotseling.
revés
Voorbeelden
La crisis económica fue un duro revés para la compañía.
De economische crisis was een zware tegenslag voor het bedrijf.
Verwarring tussen 'galleta', 'torta' en 'golpe'
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.





