Hoe zeg je "bevestigen" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “bevestigen” is “confirmar” — gebruik 'confirmar' wanneer je een feit wilt verifiëren, zoals de juistheid van informatie, of wanneer je een reservering definitief wilt maken..
confirmar
/kon-fir-MAR//kon.fiɾˈmaɾ/

Voorbeelden
Necesito llamar al hotel para confirmar mi reserva.
Ik moet het hotel bellen om mijn reservering te bevestigen.
¿Puedes confirmar si el correo electrónico es correcto?
Kunt u bevestigen of de e-mail correct is?
El presidente confirmó los rumores sobre la nueva ley.
De president bevestigde de geruchten over de nieuwe wet.
Ella confirmó su versión de los hechos ante el juez.
Zij bevestigde haar versie van de feiten voor de rechter.
Direct Gebruik
In tegenstelling tot sommige werkwoorden, neemt 'confirmar' meestal een direct object (het ding dat bevestigd wordt) zonder dat er extra voorzetsels nodig zijn: 'Confirmo el pago' (Ik bevestig de betaling). Dit is vergelijkbaar met het Nederlands, waar we ook zeggen 'Ik bevestig de betaling', niet 'Ik bevestig van de betaling'.
Reflexieve Vorm (Confirmarse)
Wanneer het reflexief wordt gebruikt, betekent 'confirmarse' vaak 'bevestigd worden' of 'officieel worden', waarbij de focus ligt op de statusverandering: 'El evento se confirmó ayer' (Het evenement werd gisteren bevestigd). Dit is vergelijkbaar met het Nederlandse 'Het is bevestigd'.
Onjuist gebruik van 'de'
Fout: “Voy a confirmar de la reserva.”
Correctie: Voy a confirmar la reserva. (Net als in het Nederlands: 'Ik ga de reservering bevestigen', niet 'Ik ga *van* de reservering bevestigen'.)
confirmar
/kon-fir-MAR//kon.fiɾˈmaɾ/

Voorbeelden
¿Puedes confirmar si el correo electrónico es correcto?
Kunt u bevestigen of de e-mail correct is?
El presidente confirmó los rumores sobre la nueva ley.
De president bevestigde de geruchten over de nieuwe wet.
Ella confirmó su versión de los hechos ante el juez.
Zij bevestigde haar versie van de feiten voor de rechter.
Necesito llamar al hotel para confirmar mi reserva.
Ik moet het hotel bellen om mijn reservering te bevestigen.
Direct Gebruik
In tegenstelling tot sommige werkwoorden, neemt 'confirmar' meestal een direct object (het ding dat bevestigd wordt) zonder dat er extra voorzetsels nodig zijn: 'Confirmo el pago' (Ik bevestig de betaling). Dit is vergelijkbaar met het Nederlands, waar we ook zeggen 'Ik bevestig de betaling', niet 'Ik bevestig van de betaling'.
Reflexieve Vorm (Confirmarse)
Wanneer het reflexief wordt gebruikt, betekent 'confirmarse' vaak 'bevestigd worden' of 'officieel worden', waarbij de focus ligt op de statusverandering: 'El evento se confirmó ayer' (Het evenement werd gisteren bevestigd). Dit is vergelijkbaar met het Nederlandse 'Het is bevestigd'.
Onjuist gebruik van 'de'
Fout: “Voy a confirmar de la reserva.”
Correctie: Voy a confirmar la reserva. (Net als in het Nederlands: 'Ik ga de reservering bevestigen', niet 'Ik ga *van* de reservering bevestigen'.)
asegurar
ah-seh-goo-RAHR/aseɣuˈɾaɾ/

Voorbeelden
Te aseguro que la reunión empieza a las diez en punto.
Ik verzeker je dat de vergadering stipt om tien uur begint.
El director aseguró que el proyecto estaría terminado para el viernes.
De directeur garandeerde dat het project tegen vrijdag klaar zou zijn.
Asegurar vs. Asegurarse
Wanneer je 'asegurar' gebruikt (zonder 'se'), doe je een belofte aan iemand anders. Wanneer je 'asegurarse' gebruikt (met 'se'), controleer je iets voor jezelf. Dit is vergelijkbaar met het verschil tussen 'verzekeren' (iemand anders) en 'zich verzekeren/ervan vergewissen' (jezelf).
Onjuist gebruik van de aanvoegende wijs (Subjuntivo)
Fout: “Aseguro que sea verdad. (Onjuiste werkwoordsvorm)”
Correctie: Aseguro que es verdad. (Gebruik de normale werkwoordsvorm (indicatief), want 'asegurar' drukt zekerheid uit, geen twijfel of wens. Dit is anders dan in het Nederlands, waar we na 'ik verzeker dat' vaak de onbepaalde wijs gebruiken, maar de Spaanse regel is hier strikt indicatief.)
pegar
/peh-GAR//peˈɣaɾ/

Voorbeelden
Necesitas pegamento para pegar las dos piezas de madera.
Je hebt lijm nodig om de twee houten stukken aan elkaar te lijmen.
La etiqueta no pega bien en esta superficie.
Het etiket plakt niet goed op dit oppervlak.
Pegué el póster en la pared de mi habitación.
Ik heb de poster op mijn slaapkamerwand geplakt.
Onjuist gebruik van 'plakken'
Fout: “La goma pegó.”
Correctie: La goma se pegó. (Wanneer de handeling het object zelf betreft, gebruik je het reflexieve 'se pegó'.)
Verwarring tussen 'confirmar' en 'asegurar'
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.


