Hoe zeg je "voorbijgaan" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “voorbijgaan” is “pasar” — gebruik 'pasar' als je het hebt over een beweging waarbij iets of iemand langs een punt gaat, zoals tijd die verstrijkt of een voertuig dat voorbijrijdt..
pasar
/pa-sar//paˈsaɾ/

Voorbeelden
El tiempo pasa muy rápido cuando te diviertes.
De tijd gaat heel snel voorbij als je plezier hebt.
Vimos pasar un tren por la ventana.
We zagen een trein voorbijrijden door het raam.
Para ir al banco, tienes que pasar el puente.
Om bij de bank te komen, moet je de brug oversteken.
pasan
PAH-sahn/ˈpa.san/

Voorbeelden
Ellos pasan por la puerta sin mirar.
Zij gaan zonder te kijken door de deur.
Los días pasan muy rápido cuando estamos ocupados.
De dagen gaan heel snel voorbij als we het druk hebben.
Ustedes pasan la frontera esta noche.
Jullie steken vannacht de grens over.
De Spreker Identificeren
'Pasan' wordt gebruikt als men spreekt over 'ellos' (zij, mannelijk of gemengd), 'ellas' (zij, vrouwelijk), of 'ustedes' (u/jullie).
pasada
pah-SAH-dah/paˈsaða/

Voorbeelden
Solo dimos una pasada por la tienda porque no teníamos tiempo.
We hebben alleen een snelle stop bij de winkel gemaakt omdat we geen tijd hadden.
Le di una rápida pasada a mi discurso antes de subir al escenario.
Ik heb mijn toespraak snel doorgenomen voordat ik het podium opging.
Werkwoord-Zelfstandig Naamwoord Koppeling
Dit zelfstandig naamwoord wordt bijna altijd gebruikt met het werkwoord 'dar' (geven) of 'hacer' (maken) wanneer het verwijst naar een snelle actie: 'dar una pasada' (een snelle blik/beurt geven).
Gebruik van 'Paso' in plaats daarvan
Fout: “Hice un paso al texto.”
Correctie: Hice una pasada al texto. ('Paso' betekent 'stap' of 'tempo'; 'pasada' betekent 'een snelle blik' of 'een beurt').
Werkwoord versus Zelfstandig Naamwoord
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.


