Inklingo

leggen, plaatsenOok: zetten

WerkwoordA1irregular er
Een hand van een persoon die een klein bundeltje zilveren sleutels op het oppervlak van een eenvoudige houten tafel legt.
infinitiveponer
gerundponiendo
past Participlepuesto

📝 In Actie

Pongo las llaves en la mesa.

A1

Ik leg de sleutels op tafel.

¿Dónde pongo tu abrigo?

A1

Waar leg ik jouw jas?

Vamos a poner la mesa para la cena.

A2

Laten we de tafel dekken voor het avondeten.

Woordverbindingen

Synoniemen

  • colocar (plaatsen (vaak voorzichtiger))

Antoniemen

Veelvoorkomende Collocaties

  • poner la mesade tafel dekken
  • poner atenciónopletten

aanzetten, inschakelenOok: afspelen

WerkwoordA2irregular er
Een vinger die op een grote, heldere aan/uit-knop van een eenvoudige, retro-stijl radio drukt.
infinitiveponer
gerundponiendo
past Participlepuesto

📝 In Actie

Por favor, pon la televisión.

A2

Zet alstublieft de televisie aan.

¿Puedes poner algo de música?

A2

Zet je wat muziek op?

Puse la calefacción porque hacía frío.

B1

Ik zette de verwarming aan omdat het koud was.

Woordverbindingen

Synoniemen

Antoniemen

Veelvoorkomende Collocaties

  • poner la radiode radio aanzetten
  • poner una películaeen film afspelen

worden, rakenOok: aantrekken

B1irregular er
Een vrolijk kind dat actief zijn arm in de mouw van een warme blauwe jas schuift.
infinitiveponerse
gerundponiéndose
past Participlepuesto

📝 In Actie

Me pongo nervioso antes de los exámenes.

B1

Ik word nerveus voor examens.

Ella se puso muy contenta con la noticia.

B1

Ze werd erg blij van het nieuws.

Ponte la chaqueta, que hace frío.

A2

Trek je jas aan, het is koud.

Woordverbindingen

Veelvoorkomende Collocaties

  • ponerse rojo/ablozen, rood worden
  • ponerse tristeverdrietig worden
  • ponerse de acuerdohet eens worden

Idiomen & Uitdrukkingen

bijdragen, inleggenOok: meebetalen

WerkwoordB1irregular er
Twee verschillende handen die tegelijkertijd gouden munten in een doorzichtige glazen pot laten vallen voor een gezamenlijke bijdrage.
infinitiveponer
gerundponiendo
past Participlepuesto

📝 In Actie

Cada uno puso 20 euros para el regalo.

B1

Iedereen legde 20 euro in voor het cadeau.

Si todos ponemos de nuestra parte, terminaremos rápido.

B2

Als we allemaal ons deel bijdragen, zijn we snel klaar.

Woordverbindingen

Synoniemen

Veelvoorkomende Collocaties

  • poner dinerogeld inleggen
  • poner esfuerzomoeite doen

Indicative

Present

yopongo
pones
él/ella/ustedpone
nosotrosponemos
vosotrosponéis
ellos/ellas/ustedesponen

Imperfect

yoponía
ponías
él/ella/ustedponía
nosotrosponíamos
vosotrosponíais
ellos/ellas/ustedesponían

Preterite

yopuse
pusiste
él/ella/ustedpuso
nosotrospusimos
vosotrospusisteis
ellos/ellas/ustedespusieron

Subjunctive

Present Subjunctive

yoponga
pongas
él/ella/ustedponga
nosotrospongamos
vosotrospongáis
ellos/ellas/ustedespongan

Imperfect Subjunctive

yopusiera
pusieras
él/ella/ustedpusiera
nosotrospusiéramos
vosotrospusierais
ellos/ellas/ustedespusieran

🔀 Commonly Confused With

Vertaal naar het Spaans

Woorden die vertaald worden als "poner" in het Spaans:

🗣️ Practice in a Tongue Twister

✏️ Snelle oefening

Snelle Quiz: poner

Vraag 1 van 2

Welke zin zegt correct 'Zij werd verdrietig'?

📚 Meer bronnen

👥 Woordfamilie
🎵 Rijmwoorden
📚 Etymologie

Komt van het Latijnse woord 'pōnere', wat 'leggen, plaatsen of zetten' betekende. Veel andere Spaanse werkwoorden zijn op deze stam gebouwd, zoals 'componer' (samenleggen) en 'proponer' (naar voren leggen).

Eerste vermelding: Around the 10th century

Cognaten (Verwante woorden)

Portuguese: pôrItalian: porreFrench: pondre

💡 Beheers Spaans

Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!

Veelgestelde Vragen

Wat is het verschil tussen 'poner' en 'ponerse'?

Zie het zo: 'poner' doe je met een object ('Ik leg het boek op tafel'). 'Ponerse' gebeurt met jezelf ('Ik word nerveus'). Het kleine 'se' (of 'me', 'te') reflecteert de actie terug op de persoon.

Wanneer gebruik ik 'poner' versus 'colocar' voor 'to put'?

'Poner' is je alleskunner, alledaagse werkwoord voor 'leggen' of 'zetten'. Het is bijna altijd een veilige keuze. 'Colocar' is iets specifieker en impliceert dat je iets op zijn juiste of een specifieke plek legt, misschien met iets meer zorg. Je zou bijvoorbeeld boeken 'colocar' op een plank, maar je 'poner' je sleutels op het aanrecht.

Hoe zeg ik 'uitzetten' als 'poner' 'aanzetten' betekent?

Het meest gebruikte werkwoord voor 'uitzetten' is 'apagar'. Dus je 'pones la luz' (zet het licht aan) en 'apagas la luz' (zet het licht uit). Voor zaken als muziek of tv kun je soms ook 'quitar' gebruiken.